Parochiekerk Sint-Jacob

Classicistische zaalkerk, gelegen naast het stedelijk kerkhof. De oorspronkelijke Sint-Jacobskerk bevond zich in het midden van het huidige kerkhof; van deze eerste kerk is weinig bekend; ze wordt vanaf de 12de eeuw als parochiekerk vermeld. Het juiste bouwjaar van de huidige kerk is niet bekend, doch is te situeren tussen 1771 en 1777.

De plattegrond beschrijft een éénbeukige kerk met noordwestelijke voorgevel en ingebouwde toren, een schip van zes traveeën, en een koor van een rechte travee met driezijdige sluiting en sacristie in de oosthoek.

Bakstenen gebouw onder zadeldak (leien). De voorgevel is geritmeerd door middel van lisenen van ruw gehouwen zandsteen (?), die een entablement dragen, waarboven zich een ingewenkte geveltop bevindt, eveneens voorzien van twee zandstenen lisenen, en aansluitend hierbij de toren; het benedengedeelte is voorzien van twee gecementeerde rondboogvensters; arduinen rondboogportaal in een geprofileerde omlijsting afgelijnd door een zware druiplijst; hierboven een arduinen rondboognis met afgeschuinde neg, druiplijst en Onze-Lieve-Vrouwebeeld; in het bovengedeelte een uurwerk in een rechthoekige omlijsting met enkele moeilijk leesbare namen en het opschrift: HERBOUWING 1908 (?).

Vierkante toren, op elke zijde voorzien van een rondboogvormig galmgat; zandstenen kroonlijst; klokvormige bekroning (leien) met achtkantlantaarn en peerspits. Het schip is voorzien van een lage, kalkstenen plint en rondboogvensters in een licht uitspringende bakstenen omlijsting met kalkstenen afzaat; zandstenen kroonlijst. Het koor heeft één rondboogvenster in rechthoekige travee. Rechthoekige sacristie onder zadeldak; twee boven elkaar geplaatste, getraliede vensters: het onderste in een vlakke kalkstenen omlijsting, het bovenste voorzien van een kalkstenen latei en lekdrempel.

Volledig bepleisterd interieur; de traveeën zijn gemarkeerd door licht uitspringende pilasters, waarvan de kapitelen zijn opgenomen in de gekorniste kroonlijst; vlakke zoldering.

Mobilair: Schilderij op doek, "Aanbidding der Herders" (tweede helft 17de eeuw); twee zijvleugels van een triptiek, Constantijn met het Kruis en Sint-Helena met het Kruis, schildering op hout (vierde kwart 16de eeuw). Sint-Jacob, eik (16de eeuw); processiemadonna (18de eeuw); Sint-Lambertus, witgeschilderd hout (18de eeuw); Sint-Rochus, witgeschilderd hout (18de eeuw); vrouwelijke heilige, witgeschilderd hout (18de eeuw), Piëta, gepolychromeerd hout (midden 16de eeuw); mannelijke heilige, bisschop, witgeschilderd hout (eind 17de eeuw); Sint-Elooi, witgeschilderd hout (eerste kwart 18de eeuw); Sint-Egidius, eik (17de eeuw). Zijaltaren, eik, in Lodewijk XV-stijl (tweede helft 18de eeuw); twee biechtstoelen, met preekstoelen boven één der biechtstoelen, eik (eind 18de eeuw); orgel en doksaal, classicistisch; doopvont van messing (17de eeuw); fraai, Luiks rococoportaal, eik (circa 1725).


Bron     : Schlusmans F. met medewerking van Gyselinck J., Linters A., Wissels R., Buyle M. & De Graeve M.-Ch. 1981: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Provincie Limburg, Arrondissement Hasselt, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 6N2 (He-Z), Brussel - Gent.
Auteurs :  Schlusmans, Frieda
Datum  : 1981

Bron: Bevat overheidsinformatie, verkregen onder de modellicentie voor gratis hergebruik Vlaanderen v1.0. URI:
Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: Parochiekerk Sint-Jacob [online] https://inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten/23048 Geraadpleegd op 12-11-2019

 

ONTDEKKING VAN DE DAG

Het Sint-Truidense middenveld in 1922

Verenigingen vormen al eeuwen het weefsel voor ontmoeting, ontspanning en opvoeding, al waren ze steevast verzuild. Dat toont deze lijst uit 1922. De meest talrijke groepen waren – volgens eigen opgave ! – de Boerenbond met 900 leden en de twee ziekenkassen – liberaal en katholiek - met elk bijna 500 leden. De oudstrijders- en weggevoerdenverenigingen waren zo kort na de eerste wereldoorlog uiteraard sterk. De turnkring Sint-Truiden-Sport gaf 45 volwassenen en 110 pupillen op en de Boy’Scouts 65 scouts en 120 leden.


De lijst van de verenigingen:

Harmonieën Koninklijke Harmonie (Urbain Sneyers) en Harmonie der Gilde (Anatole Vanassche)
Fanfares Melveren (Ed. Vanderschot) en Bevingen (Louis Bollen)
Toneelkringen Koninklijke Maatschappij “De vreugdegalm” (Nicolas Belet), Sint-Truidensch Volkstoneel (Antoon Beckers) en Toneelkring Patria (Henri Bonaers)
Koor Gregoriuskring (notaris Adrien Coemans)
Turnmaatschappijen Sint-Truiden-Sport (Lucien Sacré), Meisjes-Turnafdeeling Sint-Marten Alfons Quakkelaer) en Gymnastische Volkskring (Jean Menten)
De Sportvrienden (Emile Bastens)
De Jagers Saint-Hubert (Joseph Withofs)
Boy-Scouts (Michel Vanslype)
Handboogmaatschappijen A. Dirix (Ph. Struyven), Trimpeneers (Guillaume Strauven) en Ulens-Belet Bevingen (Antoine Biets)
Feestkring Sint-Truiden Vooruit (stadssecretaris Frans Leenen)
Letterkundige Kringen De Vlaamsche Eendracht (Joseph Everaerts) en Vlaamsche Meisjesbond (Margareta Vanoverstraeten).
Nationale Oud-Strijdersbond (Leopold Dehairs), Vlaamsche Oudstijdersbond (Dokter Quintens), Invaliedenbond (Joseph Odeurs), Kantonnale Bond der Weggevoerden (Max Deckers).
Meisjespatronaat Sint-Marten (Alfons Quakkelaer), Jongenspatronaat Sint-Marten (G. Van Leemput).
Werkliedenbond (Joseph Mercken), De Vereenigde Werklieden (Herman Geets), Leo’skring (G. Maus) en Sint-Jozefskring (Guillaume Coopmans)
Kantonnale Boerenbond (graaf Edmond de Meeus Kerkom).
Maatschappijen van Onderlinge Bijstand, de latere ziekenkassen, Help U Zelve (Lambert Keyenbergh), Christelijke Verbroedering (Leon Demal), Maatschappij Sint-Barbara (Clement Leynen) en Leo’skring (Louis Herbots).
Oudlerlingenbonden van de Staats Middelbare School (Constant Vandersmissen), van het Sint-Trudo’sgesticht (Joseph Huygens) en van de Broeders van Liefde (Louis Degreef).