Cartuyvels, (Marie Guillaume) Clément, burgemeester

Sint-Truiden 26.02.1842 Verlaine 31.08.1921 , x Florence Macors 

Zoon van jong gestorven zeepfabrikant Pierre Eustache op de Grote Markt en Jeanne Cathérine Vanvinckenroye. Neefje van burgemeester Guillaume Vanvinckenroye . Schoonzoon van arts. Vader van burgemeester Paul. Dr. rechten Leuven 1864.  

Advocaat Hasselt 1867. Bankier, oprichter Banque de Saint-Trond . Provincieraadslid en gedeputeerde 1872-1875. Vrederechter kanton Sint-Truiden 1875-1894 en gemeenteraadslid 1899. Voorzitter tweede Franstalige afdeling Internationaal Congres Kleine Burgerij Antwerpen 1899. Burgemeester Sint-Truiden 1899-1921. Katholiek. Vernederlandsing bestuur, aanleg tramlijnen en bouw slachthuis 1903. Waterleiding en riolering. Beheerder discontokantoor nationale bank Hasselt 1904-1920. Provinciale expo 1907 met koninklijk bezoek. Door de bezetter ontheven uit zijn ambt op 2 mei 1917 en hernomen op 13 november 1918. 

Woonde in de Capucijnenstraat , in 1921 naar hem genoemd, in herenhuis, later omgebouwd tot Sint-Annakliniek . Voorzitter Sint-Vincentius a Paulogenootschap. Volksvertegenwoordiger 1894-1912 en senator 1912-1919. Derdeordeling en commandeur orde van Gregorius de Grote.  

Straatnaam. Marmeren buste (Victor De Haen). 


Grafmonument Schurhoven.  

 Info: ODIS-databank.
Lit.: La chambre des représentants en 1894-1895, Brussel: Société belge de librairie, jan. 1896, p. 258; Nationale Bank van België. Biografische nota’s 1850-1960, Brussel, s.d., p. 54; Ferdinand DUCHATEAU, in HBHEYNEN, p. 170; Peter TULKENS, Clement Cartuyvels, burgemeester van Sint-Truiden (1899-1921), seminariewerk, Leven: KU, 1995; Fernand DUCHATEAU, in ST19DE, 1998, p. 23; Frank DECAT, Partijpolitiek in Sint-Truiden tijdens het interbellum. De strijd Cartuyvels–Blavier, in Limburg/OLL, 79, 2000, p. 41-96.


ONTDEKKING VAN DE DAG

Koningin Astrid, lieveling van het publiek

Verongelukte vorsten herdacht

De Zweedse prinses Astrid (°1909) werd in 1929 gemalin van onze Belgische vorst Leopold III. Ze verloor het leven bij een auto-ongeval in Zwitserland op 29 augustus 1935. De gemeenteraad hernoemde de Tentoonstellingsstraat al eind september in ‘Koningin Astridstraat’. In november 1937 organiseerde een comité van de Nationale Strijdersbond in het stadhuis een tentoonstelling van zandtapijt met de overleden Astrid op haar praalbed, om fondsen te werven voor een gedenkteken. Dat werd in de vorm van een postuum staatsieportret aangeboden aan het stadsbestuur tijdens de augustuskermis van 1939. Door de mobilisatie en de opeisingen ging deze plechtigheid met tentoonstelling verloren in het oorlogsnieuws.

De vermaarde Hasseltse portretschilder Jos Damien en zijn leerlinge-assistente Anne Rutten signeerden het schilderij.

Koningin Astrid wordt levensgroot en ten voeten uit afgebeeld in een paleisdecor en houdt een waaier van struisvogelveren vast. Ze draagt een witte galajurk met korte sleep en nonchalant gedragen losse mouwen. Oorhangers, armband en hanger met kruis tonen een groene smaragdkleur. De stralende vorstin draagt het zogenaamde ‘Diadeem der negen provinciën’. Dit kleinood, een verlovingscadeau van de Belgische bevolking uit februari 1925, bestaat uit een band met Griekse meandermotieven en werd door juwelier Van Bever vervaardigd. In de later herwerkte versie met ruiten zijn de elf briljanten ingewerkt als symbool van de toen negen provincies, plus België met vorstenhuis, plus Belgisch Congo.




In 1934 was in de inkomhal van het stadhuis al een gedenkteken opgericht voor vorst Albert I, na zijn tragisch klimongeval.