Pastorie van de Sint-Martinusparochie

Dubbelhuis van zes traveeën en twee bouwlagen onder steil zadeldak (kunstleien), met getrapt dakvenster boven de middentravee; traditionele kern (onder meer muurbanden, dakhelling) uit de tweede helft van de 17de eeuw, met classicistische gevelaanpassing uit de tweede helft van de 18de eeuw (vensters) en begin 19de eeuw (deur). Bakstenen lijstgevel op een recente arduinen sokkel; licht verhoogde begane grond; de gesmeed ijzeren muurankers vormen de naam Jan Robijns, in 1675 geboekt als poorter van de stad; kalkstenen banden; rechts, kalkstenen hoekband. Getoogde vensters in een beschilderde hardstenen omlijsting, met vlakke, trapezoïdale sluitsteen op de bovenverdieping; geprofileerd beloop, duimen en gesculpteerde sluitsteen (vereenvoudigd acanthusblad) op de benedenverdieping; op de eerste bouwlaag zijn de dubbele ontlastingsboogjes (rollaag en platte laag) van voormalige kruiskozijnen zichtbaar; de bovenvensters hebben de regelmatig geplaatste, kalkstenen negblokken van de oorspronkelijke vensters bewaard. Rechthoekige deur in een vlakke kalkstenen omlijsting met een geprofileerde druiplijst; vernieuwde trap. De rechter travee is aangepast op de benedenverdieping (recente garage).


Bron     : Schlusmans F. met medewerking van Gyselinck J., Linters A., Wissels R., Buyle M. & De Graeve M.-Ch. 1981: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Provincie Limburg, Arrondissement Hasselt, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 6N2 (He-Z), Brussel - Gent.
Auteurs :  Schlusmans, Frieda
Datum  : 1981

Bron: Bevat overheidsinformatie, verkregen onder de modellicentie voor gratis hergebruik Vlaanderen v1.0. URI:
Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: Pastorie van de Sint-Martinusparochie [online] https://inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten/22682 Geraadpleegd op 12-11-2019

 

ONTDEKKING VAN DE DAG

Folcardus, abt ST

 Sint-Truiden 11.05.1145 

Jong ingetreden als monnik. Cellarius en cantor 1108, proost 1112. Ondanks protest van graaf van Duras  tot abt gewijd in Fosse 1138. Restaureerde verder de abdij na Rodulfus o.a. slaapzaal, kapittelzaal en infirmerie. Was in conflict met Arnold van Diest en maakte bezetting mee door Godfried van Brabant in 1140 en 1142. Ontving talrijke schenkingen van lokale burgerij, maar onderging brouwersopstand in 1143-1144. Liet goed in Hakendover  na. Begraven in midden abdijkerk 1145.

Lit.: RECUEIL, p. 14; MONBEL, p. 43-44; KRONIEK2, p. 10-24.