Godshuis Heilige Drievuldigheid

Godshuis van de Heilige Drievuldigheid, gelegen aan een thans verdwenen straatje naar de bleekweide lans de Cincindria.

Alleenstaand breedhuis van zeven traveeën en twee bouwlagen onder steil zadeldak (nok loodrecht op straat, kunstleien), met huidige, classicistische gevelordonnantie uit de tweede helft van de 18de eeuw, doch oudere kern uit de 17de eeuw (dakhelling, zijgevels). Bakstenen gebouw met gesmeed ijzeren muurankers, op een gecementeerde plint. Getoogde vensters in een vlakke, kalkstenen omlijsting met sluitsteen (tweede helft 18de eeuw); twee gelijkaardige deuren in de noordoostelijke gevel. De noordoostelijke gevel behield op de benedenverdieping een reeks ontlastingsbogen van een rollaag en een platte laag, daterend van een vroegere toestand. De vensters der zuidwestgevel zijn gedeeltelijk gedicht. Zijgevels met aandak, vlechtingen, top- en schouderstukken. Het topstuk der zuidoostelijke zijgevel is verdwenen; deze gevel is voorzien van recente muuropeningen, behalve in de geveltop: twee getoogde kalkstenen venstertjes met vlakke sluitsteen, en een ontlastingsboog van een rollaag en een platte laag.


Bron     : Schlusmans F. met medewerking van Gyselinck J., Linters A., Wissels R., Buyle M. & De Graeve M.-Ch. 1981: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Provincie Limburg, Arrondissement Hasselt, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 6N2 (He-Z), Brussel - Gent.
Auteurs :  Schlusmans, Frieda
Datum  : 1981

Bron: Bevat overheidsinformatie, verkregen onder de modellicentie voor gratis hergebruik Vlaanderen v1.0. URI:
Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: Godshuis Heilige Drievuldigheid [online] https://inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten/23033 Geraadpleegd op 12-11-2019

 

ONTDEKKING VAN DE DAG

Folcardus, abt ST

 Sint-Truiden 11.05.1145 

Jong ingetreden als monnik. Cellarius en cantor 1108, proost 1112. Ondanks protest van graaf van Duras  tot abt gewijd in Fosse 1138. Restaureerde verder de abdij na Rodulfus o.a. slaapzaal, kapittelzaal en infirmerie. Was in conflict met Arnold van Diest en maakte bezetting mee door Godfried van Brabant in 1140 en 1142. Ontving talrijke schenkingen van lokale burgerij, maar onderging brouwersopstand in 1143-1144. Liet goed in Hakendover  na. Begraven in midden abdijkerk 1145.

Lit.: RECUEIL, p. 14; MONBEL, p. 43-44; KRONIEK2, p. 10-24.