Begijnhofhuis

Breedhuis van vier traveeën en anderhalve bouwlaag in wit gekalkte baksteen, met sporen van een aanwezige vakwerkconstructie, op een gepikte plint onder een zadeldak met Vlaamse pannen.

De voorgevel omvat drie rechthoekige ramen op het gelijkvloers niveau en drie lage ramen onder de dakrand, maar de traveespreiding varieert al naargelang de bouwlaag. In het parement bleven balkkoppen zichtbaar van een schijnbaar nog bewaarde kern in vakwerk. Links leunt het huis aan bij een volledig gemoderniseerd, hoger pand, maar de rechterzijgevel is volledig zichtbaar en omvat een ingangsdeur en een raam op het niveau van de tweede bouwlaag.

Naar achteren toe sluit bij het breedhuis een diephuis aan, onder één en dezelfde dakstructuur. De topgevel achteraan, die niet de gehele breedte van het voorste huis overspant en waarvan het bovenste gedeelte met plankwerk is beslagen, omvat sporen van stijlen, en waarschijnlijk gaat er achter het plankwerk een volledige vakwerkstructuur schuil. De gevel omvat op het gelijkvloerse niveau één groot raam zoals vooraan, en ter hoogte van de tweede bouwlaag een hoog, smal raam met schrijnwerk van een ander type.

Voor zover het diephuis niet de volledige breedte van de achtergevel van het voorste huis overspant, dekte ten tijde van de bescherming een linkse uitbreiding van het geciteerd diephuis, minder diep, maar opnieuw onder dezelfde dakstructuur, het laatste beetje achtergevel van het breedhuis af. De lage zijgevel van dit tweede diephuis lag in het verlengde van de zichtbare zijgevel van het breedhuis en omvatte een klein kozijntje. De halve topgevel achteraan omvatte verschillende kleinere raampjes met elegant schrijnwerk. Deze uitbreiding werd in het begin van de 20ste eeuw vervangen door een nieuw volume van één bouwlaag bekleed met hout.


Bron     : Onroerend Erfgoed, digitaal beschermingsdossier DL002393, Sint-Truiden: Bescherming Begijnhof.
Auteurs :  Defresne, Serge, Gyselinck, Jozef
Datum  : 2005

Bron: Bevat overheidsinformatie, verkregen onder de modellicentie voor gratis hergebruik Vlaanderen v1.0. URI:
Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: Begijnhofhuis [online] https://inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten/200312 Geraadpleegd op 12-11-2019

 

ONTDEKKING VAN DE DAG

Hakselaar uit het vml. Hoevemuseum Sint-Truiden

Hakselmachine of toestel met een manueel aandrijfmechanisme voor het snijden van stro, gras of maïsgroen. Het grote vliegwiel bezorgde voldoende momentum om de spierkracht maximaal te kunnen  gebruiken. 

Het te versnijden gewas werd in de aanvoergoot gelegd en kwam tussen twee getande rollen terecht. Hierdoor werd het naar het mes toe gedreven. Dat mes werd aangedreven door het grote vliegwiel in gietijzer met hengsel.

Uit de landbouwcollectie voormalige Hoevemuseum Sint-Truiden, met ST/86.238 als oud inventarisnummer.


Het toestel is vervaardigd of geleverd door Sneyers-Lafosse en had Jozef Tilkens als vorige eigenaar, die het aan het Stedelijk Hoevemuseum schonk. 

Sneyers, (Jan Trudo) August was een gekend nijveraar in het stadscentrum. Sint-Truiden 03.08.1866 – Sint-Truiden 12.12.1923, x Justine Lafosse. Opvolger Lafosse-Charlier. Metaalwaren Engels, Frans, Duits en inlands, kachels, lantarens, bietwortelsnijders, fornuizen, huishoudartikels, ijzeren bedden, tuinmeubelen, gereedschappen, glas, porcelein, kristal. Weeldeartikels. IJzer, staal, balken. Depot van zink van Nouvelle Montagne. Hoogbrugstraat +-1928. Weduwe A. Sneyers-Lafosse +-1929. Weduwe A. Sneyers-Lafosse Hoogbrugstraat (ijzerwaren, huishoud), Grote Markt ('weelde'), Beekstraat (staal, zink) +-1933. Afdeling aardewerk op Grote Markt. In  1912: overname handel in koorden en zakken van koordendraaier Louis Lafosse Hoogbrugstraat door ijzerhandel August Sneyers-Lafosse. De firma leverde ook landbouwmachines. 


Inventaris CAG, Leuven - Hoevemuseum Sint-Truiden