Stadstuin

Voortuin met hek en kastanjeboom, bij een eind 19de-eeuws herenhuis.

Voortuin als erf in kiezel, bij een herenhuis op de hoek van de Leopold II-straat, met een monumentale tamme kastanje (Castanea sativa), die er het straatbeeld bepaalt. Smeedijzeren straathek van zes traveeën en een inrijpoort, op een bakstenen plint met deksteen van blauwe hardsteen, van dezelfde makelij als het hek van Stationstraat nr. 30. Initialen LC in een medaillon in de poortvleugel. Dubbele, bovenaan halfrond verbonden vierkante staven als hekstijlen en ronde staven als verankering in de bodem. Vierkante boven-, tussen- en onderregel, met zware gebogen staven verankerd in de plint. Ronde, gepunte spijlen, met krulwerk ter hoogte van de bovenregel, en eenvoudige onderpijltjes. Poortstijlen boogvormig verbonden met de makelaar en voorzien van krulwerk en medaillon. Aan de Leopold II-straat, tuinmuur van vijf traveeën met een voetgangersdeurtje. Verzorgd baksteenmetselwerk op gecementeerde plint, met als pijlers bedoelde lisenen met uitspringende sokkel, ring en kapiteel, bakstenen spiegels als muurvak en een uitspringende lijst en ezelsrug als bekroning.


Bron     : DE MAEGD C. & VAN DEN BOSSCHE H. 2003: Historische tuinen en parken van Vlaanderen. Inventaris Limburg. Deel 1: Gingelom, Halen, Herk-de-Stad, Nieuwerkerken, Sint-Truiden, Brussel, Agentschap RO-Vlaanderen. Onroerend Erfgoed.
Auteurs :  De Maegd, Christiane, van den Bossche, Herman
Datum  : 2003

Bron: Bevat overheidsinformatie, verkregen onder de modellicentie voor gratis hergebruik Vlaanderen v1.0. URI:
Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: Stadstuin [online] https://inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten/303448 Geraadpleegd op 12-11-2019

 

ONTDEKKING VAN DE DAG

De Alvermannekes

De Alvermannekes

Te Engelmanshoven  heeft mijn mam de pijp gezien waar de alvermannekens uitkwamen. Die hadden in de grond kasten en tafels van aarde. En als ge moest wassen of bakken, dan moest ge maar een goeie koek gereed leggen en zeggen:

'Ik wou dat de alvermannekens kwamen bakken',

dan kwamen ze uw werk doen. '

Ik heb eens horen vertellen van een vrouw die zonder 'maagd' zat en die wenste dat de alvermannekens kwamen.

'Ik zal een teil rijstpap voor hen maken' zei ze.


Maar toen kwamen ze daar altijd en ze waren daar zo thuis dat ze in de keuken kwamen. En toen daar een nieuwe 'maagd' was, vielen ze die altijd lastig en die was kwaad. Toen zei de vrouw dat tegen een overste van de alvermannekens.

'Weet ge wat ge doet, zei die, het is een 'mottig' middel, als ze nog eens komen, dan geeft ge haar een snee brood en dan moet ze gaan zitten en kuimen of ze moet pissen en kakken.'

Met acht man kwamen ze binnen en toen deed die dat en toen ze dat zagen, riepen ze allemaal gelijk:

'Haaaa, foei, eten, bijten, schijten, zijken gelijk, haaaa, foei!' 

en toen liepen ze weg, terwijl ze hun neus toehielden en ze zijn niet meer teruggekomen.

Opgetekend door F. Beckers in 1948

 Bron: volksverhalenbank.be