Domein Wit Kasteel

Wit kasteel KERKOM

Domein Wit Kasteel Kerkom

Een 17de-eeuws herenhuis in Maasrenaissance werd hier op het einde van de 18de eeuw naar classicistische smaak verbouwd. Sporen van de oorspronkelijke 17de-eeuwse vensters zoals natuurstenen negblokken en ontlastingsboogjes in baksteen bleven als littekens in de voorgevel bewaard.  De ook nog oorspronkelijke hoektoren heeft een bevallige torenspits, S-vormige smeedijzeren muurankers en steigergaten onder de dakgoot. De lichtopeningen variëren van lichtgleuven tot vensters met hardstenen negblokken.

Dit kasteel van Mr. Broeckmans werd in het begin van de 19de eeuw getekend door Philippe de Corswarem. De waterverf-schildering toont een evenwichtige aanleg langs een smeedijzeren hek, geflankeerd door twee bomen kon je de binnenkoer oprijden. Het woonhuis in het midden is getekend zonder fronton met slechts zes traveeën, waarvan de meest zuidelijke in de gevel nog twee kruisramen heeft. Twee onderbroken zijvleugels zijn in U-vorm met het woongedeelte geschikt, telkens aan de westzijde afgesloten met een schuur onder strodak met versteend vakwerk. Aan de noordzijde zie je het koetshuis met pachterswoning, aan de zuidzijde stallingen met hardstenen rondboog-deuren en de overdekte poort van een zijtoegang.

Het Wit Kasteel Landgoed, eertijds achterleen van Heers; eerste verheffers de familie Van Hinnisdael (1396), door huwelijk achtereenvolgens overgegaan op de Heusch van Zangereye (1604), de Moffart (vierde kwart 17de eeuw) en de Brouckmans (eerste kwart 18de eeuw).

In 1840 was het goed eigendom van de weduwe de Broukmans, een rentenierster die ruim 75 hectaren bezat in Kerkom, waaronder ook twee kleine huizen. In die tijd was er ook een brouwerij gevestigd. De conciergewoning in de noordvleugel dateert uit het midden van de vorige eeuw en is geritmeerd met een rondbogenmetselwerk op brede pilasters met hardstenen elementen. Het kasteel met neerhof en de onmiddellijke omgeving (het ruime park met vijvers en toegangsdreef met rode beuken) zijn sinds 1980 beschermd als monument en dorpsgezicht.

Wit Kadsteel Kerkom



Er is een zeldzame japanse honingboom (Styphnolobium japonicum) te vinden achter het Wit Kasteel.

Deze boom heeft een stamomtrek, gemeten op 1,50 m hoogte, van 5,49 m . De boom is  meer dan 12 m hoog. Met deze stamomtrek is hij de zwaarst ontwikkelde honingboom van België. De boom verkeert in de veteraanfase, de stam is hol en om te voorkomen dat hij zou openbreken werd de kruin gestut en met kabels verankerd.



Bron: Schlusmans F. met medewerking van Gyselinck J., Linters A., Wissels R., Buyle M. & De Graeve M.-Ch. 1981: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Provincie Limburg, Arrondissement Hasselt, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 6N2 (He-Z), Brussel - Gent.
Auteurs:  Schlusmans, Frieda
Datum: 1981

Bron: Bevat overheidsinformatie, verkregen onder de modellicentie voor gratis hergebruik Vlaanderen v1.0. URI:
Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: Domein Wit Kasteel [online] https://inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten/23126 Geraadpleegd op          12-11-2019.

 

ONTDEKKING VAN DE DAG

Goyens, "Maternus" Guillaume Modest, minderbroeder

Sint-Truiden 29.10.1848 Gent 08.12.1905 

Zoon van graanhandelaar Arnold en Marie Clementine Vandereycken. Broer van minderbroeder ‘Hiëronymus’. 

Minderbroeder Tielt 1868, priester  1874. Gardiaan Sint-Truiden 1877-1878. Vicaris Rekem 1880-1883, Gent 1886-1892. Gardiaan Antwerpen 1895-1896. Vicaris Gent 1902-1905. Daar overleden bloedopdrang. Artikels in Le messager de Saint-François en De bode van den H. Franciscus van Assisië. Devotieboekjes o.a. over de H. Antonius van Padua, handboekje voor dienstmeiden en enkele historische werkjes o.a. over Grauwzusters. Bijnaam ‘de Paus’ binnen familie.

Publ.: De deugdzame dienstmeid in hare plichten onderwezen, Mechelen: Sint-Franciscusdrukkerij, 1901.
Lit.: Le Messager de Saint-François d’Assise, 31, 1905, p. 256-257; BERLO, p. 363, 369, 467 en 473; VAN MECHELEN, p. C15; JORISSEN; Lucianus CEYSSENS, Jeroom Goyens, onze eerste provincie-archivaris (1864-1942), in Franciscana, 50, 1995, p. 7.