Pastorietuin

Omhaagde en ommuurde pastorietuin uit de late 19de eeuw.

De pastorietuin ligt samen met de kerk, het kerkhof en het dorpschooltje op een heuvel. De pastorie dateert uit einde 19de eeuw, heeft een tuin ten oosten van de kerk, op een ommuurd en deels omhaagd perceel. De voortuin is een bloementuin met een centraal pad naar de voordeur, geflankeerd door twee tuinhortensias (Hydrangea macrophylla 'Vicomtesse de Vibray'). Het hekje naar de oostelijke tuin heeft een platte stijl, onder-, tussen-, en bovenregel en getorste spijlen. Het grasveld heeft een bomengordel aan de Groot Gelmenstraat, ter opvang van het vrij grote reliëfverschil. Tien perenpiramides ten noorden en een rij buxus (Buxus sempervirens) ten zuiden boorden verder het grasveld af.

Bomen

Gewone esdoorn (Acer pseudoplatanus, geknot, 209 cm stamomtrek, gemeten op 150 cm hoogte), gewone esdoorn met bont blad (Acer pseudoplatanus 'Leopoldii'), twee Californische schijncipressen (Chamaecyparis lawsoniana), kerspruim met bruinrood blad (Prunus cerasifera 'Nigra'), gewone robinia (Robinia pseudoacacia), gewone taxus (Taxus baccata).


Bron     : DE MAEGD C. & VAN DEN BOSSCHE H. 2003: Historische tuinen en parken van Vlaanderen. Inventaris Limburg. Deel 1: Gingelom, Halen, Herk-de-Stad, Nieuwerkerken, Sint-Truiden, Brussel, Agentschap RO-Vlaanderen. Onroerend Erfgoed.
Auteurs :  De Maegd, Christiane, van den Bossche, Herman
Datum  : 2003

Bron: Bevat overheidsinformatie, verkregen onder de modellicentie voor gratis hergebruik Vlaanderen v1.0. URI:
Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: Pastorietuin [online] https://inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten/303475 Geraadpleegd op 12-11-2019

 

ONTDEKKING VAN DE DAG

Koningin Astrid, lieveling van het publiek

Verongelukte vorsten herdacht

De Zweedse prinses Astrid (°1909) werd in 1929 gemalin van onze Belgische vorst Leopold III. Ze verloor het leven bij een auto-ongeval in Zwitserland op 29 augustus 1935. De gemeenteraad hernoemde de Tentoonstellingsstraat al eind september in ‘Koningin Astridstraat’. In november 1937 organiseerde een comité van de Nationale Strijdersbond in het stadhuis een tentoonstelling van zandtapijt met de overleden Astrid op haar praalbed, om fondsen te werven voor een gedenkteken. Dat werd in de vorm van een postuum staatsieportret aangeboden aan het stadsbestuur tijdens de augustuskermis van 1939. Door de mobilisatie en de opeisingen ging deze plechtigheid met tentoonstelling verloren in het oorlogsnieuws.

De vermaarde Hasseltse portretschilder Jos Damien en zijn leerlinge-assistente Anne Rutten signeerden het schilderij.

Koningin Astrid wordt levensgroot en ten voeten uit afgebeeld in een paleisdecor en houdt een waaier van struisvogelveren vast. Ze draagt een witte galajurk met korte sleep en nonchalant gedragen losse mouwen. Oorhangers, armband en hanger met kruis tonen een groene smaragdkleur. De stralende vorstin draagt het zogenaamde ‘Diadeem der negen provinciën’. Dit kleinood, een verlovingscadeau van de Belgische bevolking uit februari 1925, bestaat uit een band met Griekse meandermotieven en werd door juwelier Van Bever vervaardigd. In de later herwerkte versie met ruiten zijn de elf briljanten ingewerkt als symbool van de toen negen provincies, plus België met vorstenhuis, plus Belgisch Congo.




In 1934 was in de inkomhal van het stadhuis al een gedenkteken opgericht voor vorst Albert I, na zijn tragisch klimongeval.