Tolhuis Gelinden

Voormalige afspanning en hoeve, eertijds gelegen bij het Tolhuis van Gelinden , dat naar het Openluchtmuseum van Bokrijk werd overgebracht.

Tolhuis Gelinden - Bokrijk

Laat-classicistische, semi-gesloten hoeve met rechthoekig, gebetonneerd erf, uit de 18de eeuw, doch oudere kern in vakwerk. Baksteenbouw met verwerking van kalksteen; zadeldaken (mechanische pannen en golfplaten).

Noordoostvleugel (nok evenwijdig aan straat) van acht traveeën en anderhalve bouwlaag met boerenburgerhuis en poort. In de noordoostelijke voorgevel, rechthoekige vensters in vlakke kalkstenen omlijstingen. Gelijksoortige deuromlijsting met neuten en gestrekte tussendorpel; links, kalkstenen rondboogpoort met negblokken; zijgevels met aandaken en muurvlechtingen.

Zuidwest-gelegen achtergevel in versteend vakwerk, evenals haaks aansluitende noordwestelijke vleugel, thans omgebouwd tot woonhuis.

Haaks op de eerste travee der straatgevel, zuidoost-gelegen stal onder zadeldak (golfplaten) met lagere nok; houten kozijnen en rechthoekige staldeuren in vlakke kalkstenen omlijsting.

Nieuwe dwarsschuur ten zuidwesten, ter vervanging der vroegere dwarsschuur van 1727 (gedateerd in latei) in stijl- en regelwerk.

Bron : Schlusmans F. met medewerking van Gyselinck J., Linters A., Wissels R., Buyle M. & De Graeve M.-Ch. 1981: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Provincie Limburg, Arrondissement Hasselt, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 6N2 (He-Z), Brussel - Gent.\Auteurs : Schlusmans, Frieda \Datum : 1981;  Bron: Bevat overheidsinformatie, verkregen onder de modellicentie voor gratis hergebruik Vlaanderen v1.0. URI:\Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: Afspanning en hoeve [online] https://inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten/23116 Geraadpleegd op 12-11-2019


 

ONTDEKKING VAN DE DAG

Koningin Astrid, lieveling van het publiek

Verongelukte vorsten herdacht

De Zweedse prinses Astrid (°1909) werd in 1929 gemalin van onze Belgische vorst Leopold III. Ze verloor het leven bij een auto-ongeval in Zwitserland op 29 augustus 1935. De gemeenteraad hernoemde de Tentoonstellingsstraat al eind september in ‘Koningin Astridstraat’. In november 1937 organiseerde een comité van de Nationale Strijdersbond in het stadhuis een tentoonstelling van zandtapijt met de overleden Astrid op haar praalbed, om fondsen te werven voor een gedenkteken. Dat werd in de vorm van een postuum staatsieportret aangeboden aan het stadsbestuur tijdens de augustuskermis van 1939. Door de mobilisatie en de opeisingen ging deze plechtigheid met tentoonstelling verloren in het oorlogsnieuws.

De vermaarde Hasseltse portretschilder Jos Damien en zijn leerlinge-assistente Anne Rutten signeerden het schilderij.

Koningin Astrid wordt levensgroot en ten voeten uit afgebeeld in een paleisdecor en houdt een waaier van struisvogelveren vast. Ze draagt een witte galajurk met korte sleep en nonchalant gedragen losse mouwen. Oorhangers, armband en hanger met kruis tonen een groene smaragdkleur. De stralende vorstin draagt het zogenaamde ‘Diadeem der negen provinciën’. Dit kleinood, een verlovingscadeau van de Belgische bevolking uit februari 1925, bestaat uit een band met Griekse meandermotieven en werd door juwelier Van Bever vervaardigd. In de later herwerkte versie met ruiten zijn de elf briljanten ingewerkt als symbool van de toen negen provincies, plus België met vorstenhuis, plus Belgisch Congo.




In 1934 was in de inkomhal van het stadhuis al een gedenkteken opgericht voor vorst Albert I, na zijn tragisch klimongeval.