Kapelanie

De kapelanij, opgetrokken omstreeks 1857 (zie kadaster) is een sober dubbelhuis, drie traveeën breed en twee bouwlagen hoog, opgetrokken in baksteen boven een kalkstenen plint en onder een laag leien zadeldak tussen aandaken. Tegen de rechterzijgevel is een aanbouw opgetrokken van één bouwlaag onder leien schilddak. Voor- en achtergevel zijn geritmeerd met een licht geaccentueerde middenrisaliet en hoeklisenen. Een onderbroken kalkstenen Kordonlijst (enkel over de breedte van de middenrisaliet en hoeklisenen) markeert het niveau van de onderdorpels van de verdiepingvensters, een volwaardige Kordonlijst (over de volledige gevelbreedte) markeert de kroonlijst. De hoeklisenen zijn verder verlevendigd met mergelstenen kapitelen onder de Kordonlijsten; enkele van deze kapitelen zijn versierd met een kruis.

Voor- en achtergevel zijn voorzien van muuropeningen in een regelmatige spreiding. De rechthoekige voordeur is voorzien van een kalkstenen omlijsting met kroonlijst, de ramen zijn alle getoogd, met kalkstenen onderdorpels. Binnen de kroonlijstzone is zowel aan voor- als achterzijde een sequentie van mergelstenen steigergaten voorzien. De linkerzijgevel omvat een rechthoekig zijdeurtje in kalkstenen omlijsting, één getoogd raam van het type in de hoofdgevels, alsook twee kleine raampjes op zolderniveau. De rechterzijgevel gaat grotendeels schuil achter de aanbouw en omvat slechts een klein venstertje op zolderniveau. De aanbouw tegen de rechterzijgevel omvat een getoogd deurtje aan tuinzijde.

De kapelanij behield een tuinperceel (voor- en achtertuin), dat wordt afgeboord door de kerkhofmuren. Aan de andere zijden grenst het aan boomgaarden. De tuin heeft geen noemenswaardige aanleg meer.


Bron     : Beschermingdossier DL002445
Auteurs :  Agentschap Onroerend Erfgoed

Bron: Bevat overheidsinformatie, verkregen onder de modellicentie voor gratis hergebruik Vlaanderen v1.0. URI:
Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: Kapelanie [online] https://inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten/200400 Geraadpleegd op 12-11-2019

 

ONTDEKKING VAN DE DAG

Burgemeesterwapens

Elke burgemeester laat zijn wapen na

De burgemeesters die bouwden of verbouwden aan het stadhuis lieten hun naam na in de vorm van hun familiewapen. Dat gebeurde zowel bij de torenheropbouw in 1606, de nieuwbouw van het stadhuis in 1759, de inrichting in 1788, de restauratie in 1927 en de actuele restauratie en nieuwe inrichting afgerond in 2016.

Burgemeesters van voor 1795 waren vooral belastinginners en verdelers van stedelijke taken, anders dan de burgemeesters vandaag. De geschilderde wapens uit 1788 in de vroegere raadszaal, nu trouwzaal, zijn niet steeds met heraldische nauwkeurigheid bijgeschilderd in de loop der jaren.

Keel = rood, sabel = zwart en lazuur = blauw.


Jan Lycops1606: gedeeld, in I van keel met gouden korenschoof, in II van goud een huismerk van sabel in de vorm van een patriarchaal kruis onderaan heraldisch rechts herkruist. Belforttoren gevel.


Willem Preuveneers 1606: van keel met gouden keper beladen met drie meerlen in sabel en vergezeld van drie zilveren scheerdersscharen met de punt naar onder. Belfortoren gevel.


Baudoin Moers 1759: van goud met drie morenhoofden van sabel, met wrongen van zilver, geplaatst 2-1. Schoorsteenlambrizering vroegere raadszaal.



Maurice Schoenaerts 1759 in zilver een Boergondisch kruis van sabel met over alles heen een zilveren schelp. Schoorsteenlambrizering vroegere raadszaal.


Jean Barthélemy Balthazar de Pitteurs (-Hiegaerts) 1788: van zilver met een groene klimmende leeuw, rood geklauwd en getongd met schuinbalk van goud, beladen met vier zwarte koeken. Plafondlijst vroegere raadszaal.


Trudo Luesemans 1788: gevierendeeld, in I en IV geschaakt van keel en goud in vier rijen, elk van vier vakken. II en III in zilver drie ruiten van lazuur, geplaatst 2-1. Plafondlijst vroegere raadszaal.


Paul Cartuyvels 1927: op lazuur een zilveren, zwemmende zwaan met in het schildhoofd twee gouden sterren. Gebeeldhouwd onder het Trudobeeld in de belforttoren.


Veerle Heeren 2016: in goud een leeuw van keel, met kop en manen van sabel, geklauwd en getongd van lazuur, een gekanteeld schildhoofd van lazuur, bezaaid met venussymbolen van goud. Ingemetseld in de inkomhal.