Solitaire opgaande zomereik

Een onverharde weg loopt langs de 303057 van Gorsem naar de Molenbeek. In een weiland naast de weg staat een imposante opgaande zomereik. Deze eik werd aangeplant op de perceelsgrens en is vermoedelijk bedoeld als markering van de eigendomsgrens.


Bron     : -
Auteurs :  Verdurmen, Inge
Datum  : 2016

Bron: Bevat overheidsinformatie, verkregen onder de modellicentie voor gratis hergebruik Vlaanderen v1.0. URI:
Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: Solitaire opgaande zomereik [online] https://inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten/303057 Geraadpleegd op 12-11-2019

 

ONTDEKKING VAN DE DAG

Honderdduizenden zelfbouwkapelletjes aan onze gevels

Honderdduizenden zelfbouwkapelletjes

Priester Fernand Mariën, eerst onderpastoor in Jette en later kloosterdirecteur en godsdienstleraar bij de Ursulinen in Tildonk, startte in 1956 een nationale actie ‘Regnum Mariae’. Op zowat alle huisgevels verschenen houten kapelletjes met daarin een Italiaans plaasteren beeldje van de Madonna. De distributie kaderde in een Mariaal offensief van twaalf weken in de parochie met een propagandadag en een “koninginnedag” waarbij iedereen zijn zelfbouwkapelletje kon afhalen. Voor het vensterglas moest je zelf zorgen, want in principe was het kleinood gratis. Giften werden in dank aanvaard. Bij het overlijden van de initiatiefnemer in 1978 zouden er een kwart miljoen gevelkapelletjes verspreid zijn.

Actie-affiche

In de loop van de actiejaren veranderde het kapelmodel. Kenmerkend bleven de Maria-M getopt met kruisje en het gekroonde M-monogram dat verwees naar het Rijk van Maria. In de laatste fase waren de gevelkapelletjes actueel gestroomlijnd en in kunststof uitgevoerd. De honderden houten exemplaren in Sint-Truiden hebben de tand des tijds meestal niet overleefd. Ze worden zeldzaam.


Gevel school zusters Sint-Vincentius-a-Paulo te Zepperen. Afgebroken. 


Lees: Roger DE BROECK, Gevelkapelletjes in Vlaanderen, in Ons Heem, 55, 2001, nr. 2, p. 196-219: Henri VANNOPPEN, in Kapellen in Vlaanderen, Brussel: FARO, 2002.