Metsteren

Metsteren, het gehucht met de twee damesabdijen

Metsteren was tot aan de Franse Tijd een zelfstandige ‘gemeente’, maar werd in 1794 bij Sint-Truiden gevoegd. De twee abdijen die haar belang uitmaakten werden toen immers openbaar verkocht als kerkegoed.

Onderschrift bij deze foto

De molenaars Bessemans, Clerinx en Roggen maalden op de Melsterbeek, stroomafwaarts van de vroegere Benedictinessenabdij van Nonnemielen. Het zusterslot werd na de naasting en openbare verkoop in de Franse tijd een kasteel met nijverheidsgebouwen. De families Delpier en Lejeune-de Schiervel lieten er hun sporen na. De eerstgenoemde alcoholstoker bouwde rond 1865 het kasteel Spinveld vlakbij. Metsteren is een gehucht van een tachtigtal huizen. Stroomafwaarts de Melsterbeek ligt de Sint-Niklaashoeve met opvallend poortgebouw als meest zichtbaar restant van de grotendeels verdwenen Cisterciënzerinnenabdij van Terbeek. Het washuis en de Onze-Lieve-Vrouwekapel staan in het Openluchtmuseum Bokrijk heropgebouwd.

Onderschrift bij deze foto

Café Het Pannenhuis, bij Alice Kempeneers, ook het wielerclublokaal van Hand-in-Hand, schenkt nog steeds bier in de schaduw van de vroegere damesabdij.


Jules BONGAERTS, Abdij Nonnemielen Sint-Truiden, Sint-Truiden: in eigen beheer, 1998; Jules BONGAERTS, Een derde Sint-Truidense abdij: Terbeek, Sint-Truiden: in eigen beheer, 2001; Pierre DIRIKEN, Gelinden, in: Geogids Sint-Truiden. Stad, Toeristisch-recreatieve atlas van Vlaanderen. Haspengouw, Kortessem: Georeto, 2010, p. 116-123; Tijdschrift De Bink, Sint-Truiden: Heemkundige Kring Groot Sint-Truiden, passim.


ONTDEKKING VAN DE DAG

Cartuyvels, (Marie Berthe) Marguerite, ijveraarster

Sint-Truiden 26.07.1871 Louis Woot de Trixhe 

Dochter van burgemeester-vrederechter Clément en Marie Marguérite Florence Macors . Rentenierster, echtgenote sinds 1892 van Louis Charles Adolphe Woot de Trixhe (Les Walleffes 1860 - Dinant 1900), rechter  rechtbank eerste aanleg Dinant. Minderbroedersstraat. Raadslid van het werk van de Dames de la Miséricorde, in de volksmond ‘Dames van de Floere Vod ’, een liefdadige vrouwenclub. Voorzitster van de Kantschool der Ursulinen. Verantwoordelijke voor de afdeling Maatschappelijke Werken van Sint-Truiden op de provinciale expo in 1907. 




Lit.: Djef MIEVIS, De kantnijverheid te Sint-Truiden, Antwerpen: Secretariaat der vrouwenorganisatie, 1908, p. 5; Dieu et le pauvre. Compte-rendu de l’oeuvre des Dames de la miséricorde à Saint-Trond de janvier 1913 à janvier 1914, Sint-Truiden: Moreau, z.j., p. 2; HBSTEV, 2006, p. 123.