70 jaar Bloesemfeesten

70 jaar bloesemfeesten en toerisme in Sint-Truiden 

Eigenlijk begon alles in de jaren 40 van vorige eeuw met de Fruitoogstfeesten. Maar in 1951 werd er een eerste bloesemwijding  of bloesemzegening  georganiseerd en werd april de maand van het fruitfeest en zo ontstonden de bloesemfeesten.

Citaat: “Voor de stadbewoner, die de hele winter op zijn muffe kantoor of in de winderige, grijze straten en pleinen de najaarstijd heeft doorgebracht, is de vroege bloeiweelde een heerlijke afwisseling in het kleurloze van alle dagen. Laat hem onze bloeiende Haspengouwse boomgaarden ontdekken en hij zal zijn ogen niet kunnen verzadigen aan dit wondere schouwspel. Al wie benen heeft, al wie zijn ogen wil laten genieten van het heerlijkste natuurtafereel dat ons land kan bieden, al wie lust heeft om doorheen die weelde te wandelen als in een droomland, kome thans naar Sint-Truiden en omgeving.”

In de jaren 50 en 60 verschenen de toeristische programma’s opmerkelijk ook in het Frans.

De Toerist was een “halfmaandelijks orgaan van de Vlaamse Toeristenbond v.z.w.” dat verspreid werd in heel Vlaanderen. In april kwam Sint-Truiden volop aan bod, zelfs met een luchtfoto van de Grote Markt.

In mei 1964 werden ook de vele monumenten betrokken bij de promotie van de bloesemfeesten. Citaat: “De zondagse toerist kan meteen ook monkelend opkijken naar de plejade van prachtige gebouwen die de streek hem te bieden heeft. In een notendop gezegd kunnen we daarvan het volgende ‘gesamtbild’ ophangen …”

het kerkje van Guvelingen was een van de topattracties van Sint-Truiden

De Fruitfederatie van Sint-Truiden organiseerde in samenwerking met de Dienst voor Toerisme geleide bezoeken aan de stad en de regio Haspengouw. De ‘reizen’ konden iedere dag ingericht worden, aldus de toeristische folders van 1964.

In 1974 verscheen er een programma van de Fruitoogstfeesten op zondag 22 september, onder de auspiciën van het Feestcomité der stad Sint-Truiden, onder de ‘hoge bescherming van het Stadsbestuur’

De brochures in de jaren 80 hadden telkens dezelfde lay-out met steevast een foto van bloeiende fruitbomen en daaronder stond geschreven: “De bloesemweelde is een jaarlijks terugkerende pracht die de streek van Sint. Truiden in een sprookjesland herschept.”

De bezoekersaantallen aan het ‘toerismekantoor’ werden vanaf 1949 bijgehouden. Dat eerste jaar waren er in het kantoor 100 bezoekers op de bloesemfeesten, in 1959 waren het er 2033, in 1969 kwamen er 2490 toeristen over de vloer, in 1979 waren het er 21.100, in 2009 waren het er maar liefst 75.970…

Begin jaren 90 waren de bloesemfeesten nog beperkt tot de laatste zondag van april met een lof en bustochten met onderweg koffie en fruittaart. Eind jaren 90 verschenen de bloesemroutes, uitgestippeld voor wandelaars, fietsers en automobilisten. Omwille van het succes werden activiteiten uitgebreid tot de ganse maand april en de fruitsector werd er actief betrokken. Vandaag zetten moderne fruitbedrijven hun deuren open voor de vele bloesemtoeristen. De komst van internet en gespecialiseerde websites zorgen voor een nooit geziene promotie en leuke bed-and-breakfasts kwamen als paddenstoelen uit de grond.

Katarakt

Maar het succes van de bloesemfeesten kende een ongelofelijke boost met Katarakt.

Katarakt was een 13-delige Vlaamse televisieserie, die van 9 december 2007 tot 2 maart 2008 iedere zondag werd uitgezonden door de zender Eén. Met een totaal productiebudget van meer dan vijf miljoen euro is het een van de duurste Vlaamse series ooit. Per aflevering keken gemiddeld meer dan anderhalf miljoen Vlamingen naar de serie. Het programma kreeg in 2008 de Vlaamse Televisie Ster voor Beste Fictieprogramma van de Vlaamse Televisie Academie.

De serie vertelt het verhaal van een personage, Elisabeth Donkers, die het doodbloedende fruitbedrijf van haar schoonvader Roger Hendrickx nieuw leven probeert in te blazen. Door haar oogziekte verloopt dit steeds moeilijker. In een periode van 4 seizoenen volgt de serie de families en de plukkers op het fruitteeltbedrijf in Haspengouw.

Onderschrift bij deze foto

Kataraktroutes, een bezoekerscentrum van Katarakt in het Torenhuis van het Begijnhof, een Katarakttaart, een Kataraktshuttle …

Het toerisme bloeide en groeide in Sint-Truiden en de bloesem- en oogstfeesten werden de kapstok van het toerisme in Haspengouw. 

De bloesemfeesten werden een hip evenement met bloesemlounges in de velden, bloesemnocturnes, kamperen onder de bloesems.


Onderschrift...
ONTDEKKING VAN DE DAG

Expo 1907

De ‘Expositie’

De ‘Expositie’ in 1907 was hét supermoment voor Sint-Truiden. Sinds 1860 had het de eerste plaats in Limburg moeten afgeven aan Hasselt. Maar de provinciegouverneur kwam uit Sint-Truiden en een ambitieus team wilde hier de Luikse tentoonstelling van 1905 overdoen. 




In 1907 volgde Sint-Truiden het Luikse voorbeeld van 1905 en hield een provinciale tentoonstelling op een lange strook van de braakterreinen bij het spoorwegstation tot en met het stadspark. Een brug leidde de bezoekers over de Diestersteenweg. De volkswijk De Hel had plaats gemaakt voor het ‘klein stadspark’. Bij de paviljoenen vielen vooral het Paleis de Mijnen en het bouwsel van de steenkoolmijnen van Dahlbush op. De steengroeven van de Ourthe lieten een gedenkzuil oprichten en de oude Parkschool herbergde veilig de tentoonstelling van Oude Kunst.

Een stadsgenoot, baron Henri de Pitteurs-Hiegaerts was sinds 1894 provinciegouverneur en in augustus 1901 werd in Limburg steenkool ontdekt, waar dezelfde familie belangen had. Dokterszoon en bankier Leon Debruyn nam het voortouw. Zijn zwager was notaris Nagels. Ook de ondernemers Baltus, koloniale waren, en Claes-Lekens, bouwpromotor, waren ambitieus. Het organisatiecomité bood een model arbeiderswoning aan het Bureel van Weldadigheid (OCMW), die nog steeds bestaat in de Spoorwegstraat.




Op 28 juli 1907 kon de breedgebaarde, al oudere koning Leopold II met zijn dochter prinses Clémentine vanop de tribune de trekpaarden van Clément Peten uit Velm bewonderen. Ook prins Albert bezocht de tentoonstelling. Op 22 december was het hoogfeest van de belle époque en van de durvende ondernemers in Sint-Truiden voorbij. Meer dan een half miljoen bezoekers en ‘speelreizigers’ – de toenmalige benaming voor toeristen - bezochten expo en stad. De bebouwing in de al geplande nieuwe stationswijk kon starten. Van de expo restte later enkel nog de prestigieuze Prins-Albertlaan en de Expositiestraat, in 1930 vervangen door ‘Astrid’straat. Een gedenksteen staat ingemetseld in een hekpaviljoen van het stadspark. 

Van deze ‘wereldtentoonstelling’ voor de Truienaar bleven talrijke prentbriefkaarten en een pas in 1910 rijkelijk uitgegeven ‘Guldenboek’ bewaard. Uitzonderlijk ook persoonlijke toegangskaarten met portretfoto.


Gedenksteen als herinnering aan de Expo, gemetseld in één van de ingangspaviljoentjes van het stadspark



Kathleen DIGNEF, De provinciale tentoonstelling van 1907 te Sint-Truiden: de ‘Wereldtentoonstelling’ voor de Truienaar, in: Historische bijdragen over Sint-Truiden en omgeving, Sint-Truiden: GOKSint-Truiden. 2006, p. 115-126.