doopvont Christina de wonderbare

Het doopvont van Christina Mirabilis


Volgens het 13de-eeuwse levensverhaal baden vrienden en zusters van Christina tot God om zijn mirakels in Christina te milderen, want die werden door sommige mensen wel eens verkeerd begrepen. In die tijd werden een aantal 'wonderen' nogal vlug gelinkt aan hekserij of waanzin. Christina vluchtte naar de kerk in Wellen waar ze zich onderdompelde in een open doopvont. Na deze onderdompeling gedroeg Christina zich veel rustiger en veranderde haar leven voorgoed.

De doopvont bevindt zich nu in het Metropolitan Museum The Cloisters in New York. De herkomst van de doopvont in New York was lang onbekend. 

Truienaar en Christinakenner Camille Vanlangendonck loste de puzzel op in 2011. In het archief van de redemptoristen van Sint-Truiden stootte hij samen met Jo van Mechelen en Jef Smeesters op een foto van een romaanse doopvont samen met een briefje over de eigendomsgeschiedenis. Ook in het Metropolitan Museum was men op zoek naar de herkomst.

De doopvont werd ooit door de pastoor van Wellen verkocht aan de redemptoristen en kwam daarna terecht in de kunsthandel. De Erfgoedcel Haspengouw liet een reproductie maken in blauwe steen ter gelegenheid van de Trudofeesten 2012. De reproductie werd gemaakt door de firma Impermo en geschonken aan de stad. De reproductie staat nu in de Sint-Gangulfuskerk.


ONTDEKKING VAN DE DAG

Jadoul, Jules (Auguste Joseph), missionaris

Velm 14.06.1872   Nieuw Antwerpen (Congo) 04.02.1902. 

Zoon van landbouwer Pierre Joseph en Antonia Sacré. Broer o.a. van Arthur en van missionaris Theophile.  

Klein Seminarie. Scheutist 1891 en priester  1896. Missiepost Moanda bij Banana 1896. Parochie Boma 1899. Korte tijd terug in België 1900. Directeur schoolkolonie Nieuw Antwerpen of Bangala in Evenaarsgebied 1901.

Publ.: Ce que c’est qu’une paroisse au Congo, in: Missions en Chine et au Congo, 1900, p. 490-493.
Lit.: Belgische koloniale biografie, 2, 1948-1950, kol. 504-505; CONGO, p. 101-104.