Diesterstraat Clarissenklooster

Diesterstraat Clarissenklooster

De zusters Clarissen kochten dit gebouwencomplex in 1850, het jaar nadien startte het kloosterleven met elf zusters. Het gebouw was tijdens het Ancien Regime een kloosterschool geweest, de ‘priorij Jeruzalem’. In 1539 vertrouwde het stadsbestuur de opvoeding van meisjes toe aan de zusters van het Heilig Graf te Luik. Samen met enkele zusters van het klooster Hieronymus op Stenaert werd de school opgestart in een huis geschonken door Mijvrouw van Nijsem ende hare man. Het oudste gedeelte van het huidige gebouw dateert van de late 18de eeuw, een classicistisch breedhuis met zes traveeën en twee bouwlagen onder een zadeldak met drie dakkapellen. De rechtervleugel dateert van 1961 - 1963.


Clarissenklooster



Situeringsplan Diesterstraat

 

ONTDEKKING VAN DE DAG

Koningin Astrid, lieveling van het publiek

Verongelukte vorsten herdacht

De Zweedse prinses Astrid (°1909) werd in 1929 gemalin van onze Belgische vorst Leopold III. Ze verloor het leven bij een auto-ongeval in Zwitserland op 29 augustus 1935. De gemeenteraad hernoemde de Tentoonstellingsstraat al eind september in ‘Koningin Astridstraat’. In november 1937 organiseerde een comité van de Nationale Strijdersbond in het stadhuis een tentoonstelling van zandtapijt met de overleden Astrid op haar praalbed, om fondsen te werven voor een gedenkteken. Dat werd in de vorm van een postuum staatsieportret aangeboden aan het stadsbestuur tijdens de augustuskermis van 1939. Door de mobilisatie en de opeisingen ging deze plechtigheid met tentoonstelling verloren in het oorlogsnieuws.

De vermaarde Hasseltse portretschilder Jos Damien en zijn leerlinge-assistente Anne Rutten signeerden het schilderij.

Koningin Astrid wordt levensgroot en ten voeten uit afgebeeld in een paleisdecor en houdt een waaier van struisvogelveren vast. Ze draagt een witte galajurk met korte sleep en nonchalant gedragen losse mouwen. Oorhangers, armband en hanger met kruis tonen een groene smaragdkleur. De stralende vorstin draagt het zogenaamde ‘Diadeem der negen provinciën’. Dit kleinood, een verlovingscadeau van de Belgische bevolking uit februari 1925, bestaat uit een band met Griekse meandermotieven en werd door juwelier Van Bever vervaardigd. In de later herwerkte versie met ruiten zijn de elf briljanten ingewerkt als symbool van de toen negen provincies, plus België met vorstenhuis, plus Belgisch Congo.




In 1934 was in de inkomhal van het stadhuis al een gedenkteken opgericht voor vorst Albert I, na zijn tragisch klimongeval.