Adelardusstraat

Adelardusstraat

Adelardus II, abt van 1055 tot 1082, geboren te Lovenjoel en te Sint-Truiden overleden op 6 december1082.

Hij was monnik, prior en tenslotte abt van Sint-Truiden. Geschoold in letteren en handig in beeldhouwen en schilderen. Zijn bestuursperiode zorgde voor een bloei van de bedevaarten, en dus ook van de eraan verbonden inkomsten. Verwierf gronden voor de abdij in Villers-le-Peuplier, Staaien, Herk-de-Stad en Zerkingen. De stad wordt voor het eerst een oppidum, een versterkte stad, genoemd in 1060. Die ommuurde stad was een verwezenlijking van abt Adelardus II. Hij was ook de bouwheer van de romaanse abdijkerk met een lengte van 102 meter, hoge pijlers, hoogkoor, versierde altaren en hallencrypte; en werkte de abdijtoren af met vier hoektorens. Adelardus II bouwde of herstelde dertien afhankelijke kerken: OLV-kerk, Sint-Gangulfus, Staaien, Bevingen, Aalburg (Nl.), Wijchmaal, Peer, Schaffen, Webbekom, Donk, Meer, Oerle (Oreye) en Jemeppe-sur-Meuse. Ook als schilder en beeldhouwer liet hij sporen na. Ondanks de gestegen inkomsten waren er toch tekorten door de (te) grote ambitie. Na een waanzinaanval werd hij naar de abdij Saint-Laurent te Luik gebracht. Adelardus overleed en werd in een lichaamsvormig graf in Sint-Truiden begraven. Zijn schedel en een kromstafbekroning blijven bewaard.

Wie was wie in Sint-Truiden, Sint-Truiden, 2011.

A:\Archief\STADSARCHIEF PUBLIEK\Kaarten en plannen\Kaartenboek van de abdij van Averbode\25D3 Sint-Truiden centrum.jpg
De ommuurd versterkte stad 



Situeringsplan Adelardusstraat



Situeringsplan Adelardusstraat



Affiche Adelardus Trudoabdijbier

 

ONTDEKKING VAN DE DAG

Het Sint-Truidense middenveld in 1922

Verenigingen vormen al eeuwen het weefsel voor ontmoeting, ontspanning en opvoeding, al waren ze steevast verzuild. Dat toont deze lijst uit 1922. De meest talrijke groepen waren – volgens eigen opgave ! – de Boerenbond met 900 leden en de twee ziekenkassen – liberaal en katholiek - met elk bijna 500 leden. De oudstrijders- en weggevoerdenverenigingen waren zo kort na de eerste wereldoorlog uiteraard sterk. De turnkring Sint-Truiden-Sport gaf 45 volwassenen en 110 pupillen op en de Boy’Scouts 65 scouts en 120 leden.


De lijst van de verenigingen:

Harmonieën Koninklijke Harmonie (Urbain Sneyers) en Harmonie der Gilde (Anatole Vanassche)
Fanfares Melveren (Ed. Vanderschot) en Bevingen (Louis Bollen)
Toneelkringen Koninklijke Maatschappij “De vreugdegalm” (Nicolas Belet), Sint-Truidensch Volkstoneel (Antoon Beckers) en Toneelkring Patria (Henri Bonaers)
Koor Gregoriuskring (notaris Adrien Coemans)
Turnmaatschappijen Sint-Truiden-Sport (Lucien Sacré), Meisjes-Turnafdeeling Sint-Marten Alfons Quakkelaer) en Gymnastische Volkskring (Jean Menten)
De Sportvrienden (Emile Bastens)
De Jagers Saint-Hubert (Joseph Withofs)
Boy-Scouts (Michel Vanslype)
Handboogmaatschappijen A. Dirix (Ph. Struyven), Trimpeneers (Guillaume Strauven) en Ulens-Belet Bevingen (Antoine Biets)
Feestkring Sint-Truiden Vooruit (stadssecretaris Frans Leenen)
Letterkundige Kringen De Vlaamsche Eendracht (Joseph Everaerts) en Vlaamsche Meisjesbond (Margareta Vanoverstraeten).
Nationale Oud-Strijdersbond (Leopold Dehairs), Vlaamsche Oudstijdersbond (Dokter Quintens), Invaliedenbond (Joseph Odeurs), Kantonnale Bond der Weggevoerden (Max Deckers).
Meisjespatronaat Sint-Marten (Alfons Quakkelaer), Jongenspatronaat Sint-Marten (G. Van Leemput).
Werkliedenbond (Joseph Mercken), De Vereenigde Werklieden (Herman Geets), Leo’skring (G. Maus) en Sint-Jozefskring (Guillaume Coopmans)
Kantonnale Boerenbond (graaf Edmond de Meeus Kerkom).
Maatschappijen van Onderlinge Bijstand, de latere ziekenkassen, Help U Zelve (Lambert Keyenbergh), Christelijke Verbroedering (Leon Demal), Maatschappij Sint-Barbara (Clement Leynen) en Leo’skring (Louis Herbots).
Oudlerlingenbonden van de Staats Middelbare School (Constant Vandersmissen), van het Sint-Trudo’sgesticht (Joseph Huygens) en van de Broeders van Liefde (Louis Degreef).