Bautershoven

Bautershoven

De straatnaam is ontleend aan de eeuwenoude plaatsnaam of toponiem Bautershoven. Het achtervoegsel “hoven” verwijst naar een hoeve, de stam “bauter” eventueel naar eigenaars / bewoners van die hoeve. In het begin van de 13de eeuw was hier een vrouwenabdij die hoorde bij de orde van de cistercienserinnen, de zusters verhuisden in 1245 om onbekende reden naar Neeroeteren.



Bautershoven

 

ONTDEKKING VAN DE DAG

Folcardus, abt ST

 Sint-Truiden 11.05.1145 

Jong ingetreden als monnik. Cellarius en cantor 1108, proost 1112. Ondanks protest van graaf van Duras  tot abt gewijd in Fosse 1138. Restaureerde verder de abdij na Rodulfus o.a. slaapzaal, kapittelzaal en infirmerie. Was in conflict met Arnold van Diest en maakte bezetting mee door Godfried van Brabant in 1140 en 1142. Ontving talrijke schenkingen van lokale burgerij, maar onderging brouwersopstand in 1143-1144. Liet goed in Hakendover  na. Begraven in midden abdijkerk 1145.

Lit.: RECUEIL, p. 14; MONBEL, p. 43-44; KRONIEK2, p. 10-24.