Begijnhof

Begijnhof

Reeds voor de stichting van het begijnhof waren er begijnen in de stad en de omgeving van Sint-Truiden. Het waren ongeorganiseerde groepjes vrouwen die een geestelijk leven wilden leiden in de wereld, volgens de religieuze vernieuwingsbeweging van de 13de eeuw.

In 1258 schonk Willem van Rijkel, abt van de benedictijnenabdij van Sint-Truiden (1249-1272), de lokale begijnengemeenschap een terrein ten noordoosten van de stad, bij de parochie Schurhoven. De stichtingsoorkonde spreekt over de bouw van een omheining, een kerk ter ere van de H. Agnes en een aantal huizen. Het begijnhof was een gesloten, inwaarts gekeerde en op zichzelf afgestemde gemeenschap, waarin 'kerken en werken' centraal stonden.

P:\Fotocollectie Ilsbroekx\Verzameling W.Ilsbroekx\Begijnhof\Begijnhof 268.jpg
            Begijnhof

ONTDEKKING VAN DE DAG

Goyens, "Maternus" Guillaume Modest, minderbroeder

Sint-Truiden 29.10.1848 Gent 08.12.1905 

Zoon van graanhandelaar Arnold en Marie Clementine Vandereycken. Broer van minderbroeder ‘Hiëronymus’. 

Minderbroeder Tielt 1868, priester  1874. Gardiaan Sint-Truiden 1877-1878. Vicaris Rekem 1880-1883, Gent 1886-1892. Gardiaan Antwerpen 1895-1896. Vicaris Gent 1902-1905. Daar overleden bloedopdrang. Artikels in Le messager de Saint-François en De bode van den H. Franciscus van Assisië. Devotieboekjes o.a. over de H. Antonius van Padua, handboekje voor dienstmeiden en enkele historische werkjes o.a. over Grauwzusters. Bijnaam ‘de Paus’ binnen familie.

Publ.: De deugdzame dienstmeid in hare plichten onderwezen, Mechelen: Sint-Franciscusdrukkerij, 1901.
Lit.: Le Messager de Saint-François d’Assise, 31, 1905, p. 256-257; BERLO, p. 363, 369, 467 en 473; VAN MECHELEN, p. C15; JORISSEN; Lucianus CEYSSENS, Jeroom Goyens, onze eerste provincie-archivaris (1864-1942), in Franciscana, 50, 1995, p. 7.