Nadat reeds in de 18de eeuw, onder de prinsbisschoppen, de verbinding Luik – Brussel, langs Sint-Truiden, Tienen en Leuven was gerealiseerd en ten tijde van het Koninkrijk der Nederlanden Sint-Truiden via Tongeren met Maastricht was verbonden, volgden onder Belgische regie de steenwegen naar Hasselt, Diest en Namen.
In 1836 was reeds sprake van de verlenging van de verbinding Namen – Hannuit tot Sint-Truiden. Met een Koninklijk Besluit van 25.03.1840 werd echter een tracé langs het nieuwe spoorwegknooppunt Landen naar Dormaal op de steenweg van Tienen naar Sint-Truiden vastgelegd.
Na veel protest en getouwtrek was de huidige steenweg langs Gingelom, Bevingen en Zerkingen in 1855 klaar.
Sint-Truiden Bevingen 30.03.1886 Sint-Truiden 6.05.1959
Zoon van dagloner Gerard en Marie Gertrude Celis. Neef van pastoor Eduard Hayen.
Broeders Sint-Truiden. Via paters Fulgence en Thomas Renson intrede augustijnen Gent 1903. Priester 1908. Legeraalmoezenier WO I, bij Belgische vluchtelingen in Amersfoort, en in Saffraanberg. Prior De Haan-aan-Zee 1919. Onderpastoor Sint-Stefanus Gent 1921. Definitor Augustijnenprovincie. Bevriend met pastoor Peeters en burgemeester Paul Cartuyvels in Bevingen. Huishoofd in enkele gehuurde sociale woningen.
Oprichter Sint-Augustinusparochie in de tuinwijk Nieuw Sint-Truiden 1928, bouwer noodkerk en kapelaan OLV-kerk. Bouwer lagere jongensschool en kleuterschool 1930 en lagere meisjessschool 1932. Provinciaal 1932-1946 met stichtingen in Bouge, Marchienne-au-Pont en Kontich. Prior en pastoor parochie Nieuw Sint-Truiden 1947 en kerkbouwer 1952-1955. Gouden priesterjubileum 1958 . Begraven in familiegraf in Bevingen.