Voor de ontwikkeling tot woongebied van de zone tussen Tichelrijlaan, Jodenstraat en Kattenstraat dienden enkele nieuwe dwarsverbindingen te worden aangelegd. Voor de naamgeving van deze straten greep men terug naar het ancien-régime verleden van de stad. Abtenstraat en Prins-bisschoppenstraat naar de beide heren van de stad Sint-Truiden. Rodulfustraat naar abt Rodulfus II (1108 – 1121) die de watermolen in het abdijcomplex liet bouwen, de abdijbibliotheek met scriptorium tot stand bracht en als componist en schrijver van de abdijkroniek Sint-Truiden ruim duizend jaar geleden de nodige culturele uitstraling gaf.
Honderdduizenden zelfbouwkapelletjes
Priester Fernand Mariën, eerst onderpastoor in Jette en later kloosterdirecteur en godsdienstleraar bij de Ursulinen in Tildonk, startte in 1956 een nationale actie ‘Regnum Mariae’. Op zowat alle huisgevels verschenen houten kapelletjes met daarin een Italiaans plaasteren beeldje van de Madonna. De distributie kaderde in een Mariaal offensief van twaalf weken in de parochie met een propagandadag en een “koninginnedag” waarbij iedereen zijn zelfbouwkapelletje kon afhalen. Voor het vensterglas moest je zelf zorgen, want in principe was het kleinood gratis. Giften werden in dank aanvaard. Bij het overlijden van de initiatiefnemer in 1978 zouden er een kwart miljoen gevelkapelletjes verspreid zijn.

In de loop van de actiejaren veranderde het kapelmodel. Kenmerkend bleven de Maria-M getopt met kruisje en het gekroonde M-monogram dat verwees naar het Rijk van Maria. In de laatste fase waren de gevelkapelletjes actueel gestroomlijnd en in kunststof uitgevoerd. De honderden houten exemplaren in Sint-Truiden hebben de tand des tijds meestal niet overleefd. Ze worden zeldzaam.
