d’Oultremont de Duras, gravin Clementine Isabelle Antoinette Eugénie Marie Ghislaine

Brussel 05.04.1913   Verlaine Oudoumont 26.08.2006  x Duras 1947 graaf Edouard de Liedekerke 

Dochter van Emmanuel d’Outremont (1881-1958) en Antoinette d’Oultremont (1885-1966). Schoondochter van graaf Pierre de Liedekerke. Zus van Henriette (1910-2004) en Isabelle (1919-2000) 

Leidde kolonie verzwakte kinderen ‘Foyer Léopold III” op kasteel Duras 1942, op verzoek van prinses de Ligne. Daarbij ook zeven Joodse verstekelingen o.m. Henry en Raymond Gorbitz, die als Auschwitzwezen na WO II door de familie René de Liedekerke-d’Oultremont werden opgenomen. Na huwelijk met ministerszoon naar kasteel Oudoumont in Verlaine 1947. Moeder van graven advocaat-rechter Etienne (°1949) en landbouwer-politicus Bertrand (°1953).

Lit.: Paul, ARREN, Duras, in Van kasteel naar kasteel, 2, Kapellen: Hobonia, 1987, p. 100; Dan MICHMAN en Israël GUTMAN, The encyclopedia of the righteous among the nations. Rescuers of jews during the Holocaust, Jeruzalem, 2005, p. 89; Mathieu RUTTEN, De joden en zigeuners in Limburg Bronnen en gegevens over hun aanwezigheid in Limburg tijdens de Tweede Wereldoorlog, z.p.: eigen beheer, 2007, p. 179-185 en 234; Thieu VANHEES, Van het kasteel van Duras naar het Kleinseminarie, in Schakels, 26, nr. 2, 2009, p. 7; EPNB, 2009, p. 136.


ONTDEKKING VAN DE DAG

Een weerwolf in Melveren

Een weerwolf in Melveren

In Melveren , een gehucht van Sint-Truiden, woonde een zekere X. Op zekere dag ging X met zijn vriendin naar de kermis in Kortenbos. Deze man had echter een pact gesloten met de duivel, wat betekende dat hij regelmatig enkele uren als weerwolf moest rondlopen. Omdat X op de kermis plots voelde dat dat moment was aangebroken, zei hij tegen zijn vriendin: "Als je een hond zou tegenkomen, gooi dan deze zakdoek naar zijn muil. Op die manier zal het beest je geen kwaad doen." 

Omdat een weerwolf geen kruis kan oversteken, moet hij de draadjes van de zakdoek één voor één uitrafelen vooraleer hij verder kan. 

Het meisje antwoordde: "Neen, blijf maar bij mij!", waarop haar vriend: "Neen, ik moet dringend even een boodschap doen." 

Toen X weg was, kwam er een lelijke zwarte hond naar het meisje toe. Ze deed onmiddellijk wat haar vriend had gezegd, waarop de hond de zakdoek in stukken scheurde. Een kwartier later kwam X terug. Zijn vriendin vertelde hem dat ze doodsangsten had uitgestaan terwijl hij weg was. Wat verderop ging het tweetal iets drinken in een café. Het meisje bekeek haar vriend eens goed, en riep geschokt: "Jij smeerlap, je bent het zelf geweest, want de vezels van de zakdoek hangen nog tussen je tanden!" 

X zei dat ze het zich maar inbeeldde, maar het meisje wilde hem toch nooit meer zien.


Opgetekend door F. Beckers in 1947.
Bron: volksverhalenbank.be