Festraets, Julien Louis Kamiel, horlogemaker

Sint-Truiden 17-02-1904   Sint-Truiden 24-05-1974  1927 Hélène Engelbos 

Zoon van horlogemaker Jacques Lambert Festraets en Marie Pauline Van Slype, Tienesestraat.  

Ll. Klein Seminarie tot en met vierde Latijnse. Dirigent kerkkoor Sint-Marten, regisseur De klokken van Corneville. Tenor operettegezelschap Cicindria. Ontwerper van gebrevetteerd elektrisch ontvangstuurwerk 1928. Oprichter leergang voor uurwerkmakers te Leuven 1932. Astronomische salonklok met erediploma en gouden medaille op Wereldtentoonstelling 1935 te Brussel. Herstelling belfortuurwerk. Astronomisch uurwerk in museumkerk  op het Begijnhof 1942, met stoet van ambachten en Pietje de Dood. Uitgebreid met zonnewijzer, wateruurwerk, zandloper, slinger van Foucault 1950, beweging van aarde om de zon en een zeeschip tussen New-York en Antwerpen . Sinds 1968 in nieuwgebouwde Studio. Na dood Kamiel en juridisch geschil overgenomen door het stadsbestuur, samen met naastgelegen huisje. Restaurator Henri Surinx. Jarenlang een toeristische topattractie.

Straatnaam.

Publ.: Theoretische leergang voor horlogemakers, Leuven, 1933.
Lit.: Hendrik PRIJS, Met Kamiel Festraets op den toren van het stadhuis te Sint-Truiden bij beiaard en uurwerk, in HBVL, (Kunst en letteren), 12.05.1937; ID., Kamiel Festraets en zijn astronomische studio, in De Tijdspiegel, 18, 1959, p. 157-160; ID., In memoriam Kamiel Festraets, uitvinder en opbouwer van de astronomische studio, Sint-Truiden: stadsbestuur, 1974; BEKTRUI, 1, 2004, p. 5-6.
ONTDEKKING VAN DE DAG

De trap des aanstoots

De Luikse architect Etienne Fayn slaagde erin om een mooi stadhuis in Luikse classicisme te ontwerpen rond de oude halle en de belforttoren. De stadsmagistraat betrok zijn nieuwe symmetrische bouw in juli 1759 onder begeleiding van drie kanonsalvo's. De interieurafwerking, vooral door de modieuze Luikse vakmensen, moest toen nog beginnen.
Maar... die saaie horizontale kroonlijst wou de stad als bouwheer toch verbeteren. Kijkend naar Brabant en Antwerpen liet ze in 1766 zwierige frontons met klokgevel, curven en tegencurven plaatsen aan de hoofdgevel. Pater minderbroeder Johannes Bolgrez bracht een plan mee uit Antwerpen. Ook kwam er een dubbele puitrap naar de verdieping, om de begane grond te kunnen verhuren. Enkele jaren later verdween deze blijkbaar té bombastische ingreep terug. 

Eigentijds kroniekschrijver Debruyn is genadeloos voor zoveel pretentie en tekent - met veel lekenfantasie - dit on-Luikse gedrocht. Hij schrijft ook hoe men half juni 1766 bouwt aan "eene nieuwe blauw steene balcon, ende het frontispicium wierd verciert met nieuwe crollen, oock met eenen nieuwen noijt in dese landen geinventeerde blauw steenen trap dienende tot spot der borgers ende vreemdelingen hier passerende om het onnodigh ende verquist geldt". 

Van deze verbeteringsoperatie getuigt nog een jaartalsteen met stadswapen boven het balkon. 






Lees: Christine VANTHILLO, Het stadhuis van Sint-Truiden, van binnen uit bekeken, in Sint-Truiden in de 18de eeuw, tentoonstellingscataloog, Sint-Truiden: Sint-Truiden 1300 vzw., 1993, p. 109-117; Fernand DUCHATEAU, Het boek van Debruyn. Een kroniek van de achttiende eeuw in Sint-Truiden, in idem, p. 168 en 209-267 en Sint-Truiden 1693-1793, in idem, p. 7-26; Het stadhuis van Sint-Truiden. Hart van de democratie, Sint-Truiden: stadsbestuur, 2018, p. 131-133.