Bijzondere vondsten: Kommetje met oor uit aardewerk


Dit kommetje met oor uit aardewerk werd in 2008 gevonden tijdens een archeologische opgraving van het voetbalterrein in Velm. Het archeologisch onderzoek werd uitgevoerd naar aanleiding van de aanleg van het kunstgrasveld waarbij een deel van het terrein werd uitgegraven.

Tijdens de opgraving werden drie crematiegraven uit de late bronstijd gevonden. Uit crematiegraf 1 werden de meeste scherven gerecupereerd, nl. 67 stuks, waarbij 24 scherven afkomstig zijn van dit geoord kommetje. Dit kommetje is mogelijk als een grafgift bijgezet.

Aan de buitenkant zijn duidelijk sporen van verbranding te zien. Ook enkele losse scherven vertonen aan de buitenkant brandsporen. Dit materiaal is dus mogelijk mee op de brandstapel gelegd bij het cremeren van de overledene. 

De graven kunnen toegeschreven worden aan de urnenveldencultuur (ca. 1050 – 800 v.Chr. / late bronstijd tot vroege ijzertijd).

Het hoofdkenmerk van de urnenveldencultuur is de crematie van de dode, het plaatsen van de crematieresten in een urne en het bijzetten van de urne in vlakgraven in uitgestrekte grafvelden (van enkele tientallen tot honderden graven).

De graven zijn uitsluitend crematiegraven, gekenmerkt door een sober grafritueel met meestal slechts schaarse grafgiften. In de meeste gevallen beperkt het zich tot een enkel object, een beker of geoorde kom. In de graven die tijdens dit onderzoek werden aangesneden werden de urnen met de crematieresten niet aangetroffen, wellicht door het feit dat de grafkuilen te ondiep bewaard zijn en de urnen dus reeds weggegraven zijn.


 

ONTDEKKING VAN DE DAG

Brialmont, (Jean Joseph) Emile, ijzergieter

Vaux sous Chèvremont (L.) 21.09.1885 22.07.1958 , x Gertrude Schaps 

Zoon van Emile en Josephine Dumont. IJzergieter. Huwde in Immersdorf (D.) 1912. Kwam in 1914 van Ougrée en vestigde zich in oude stroopfabriek. Samenwerking met Joseph Beauduin. Verkoop en herstelling machines voor nijverheid en landbouw. Ketels voor gemeentesoep en stroopstokerijen. Persen. Vlees- en groentenmachines. Gieter van onderdelen voor treinen en schepen, dieselmotoren, boormachines en draaibanken. Grafkruisen. Staallaswerken, drijfriemen, brandkasten, ketels, olie, vetten. N.V. Fonderies et ateliers Emile Brialmont leverde internationaal. Bij de interbellumcrisis omgeschakeld naar robuuste, gebrevetteerde ‘Brialmont’kachel s met acht luchtcirculaties voor o.a. scholen, kerken en fabrieken. Ook kacheltype ‘Belgische Staat’. Het bedrijf stelde tot 140 mensen tewerk. Schoonvader van Albert Vanslype. Zonen Albert Brialmont-Palms  (1917-1986), burgerlijk ingenieur, en Gerard (1921-1999), en overnemer Dassel (D.), goten vanaf 1968 stoven en sierstukken zoals haardplaten, haardijzers, poorten, hekken, lantaarnpalen, brievenbussen en sierkanonnen, waarvoor ze houten karrenwielen opkochten. Het vml. bedrijfsterrein op Stayerveld  werd in 1986 verkocht aan de sociale huisvestingsmaatschappij Nieuw Sint-Truiden. Gazometerstraat ca.1918. Houtstraat ca.1933. Tramstraat 1 ca.1938.

Mijnwerkersbuste in hol gietijzer met Emile Brialmont fondeur St-Trond. 

 Lit.: R.V., Bewapeningswedloop in vredig Limburg?, in Ons Zondagsblad, 18.08.1968; SINT-TRUIDEN19de; Rombout NIJSSEN, Inventarissen van de archieven van de NV Ateliers et fonderies E. Brialmont en van de PVBA ALGE te Sint-Truiden, (Rijksarchief te Hasselt. Toegangen in beperkte oplage, 15), Brussel: ARA, 2000; Jaak NIJSSEN, Brialmont grafkruisen, in METAAL, p. 20-21.