Bijzondere vondsten: Vuurpot of 'lollepot'

Deze vuurpot uit aardewerk werd gevonden tijdens de recente archeologische opgraving van de Groenmarkt te Sint-Truiden. Het archeologisch onderzoek werd uitgevoerd naar aanleiding van de heraanleg van het marktplein en de aanleg van de fontein. Deze vondst werd aangetroffen in een 18de eeuwse beerput.


Een vuurpot is een draagbare vuurkorf, vaak in aardewerk zoals deze, maar soms werden ze ook uit andere materialen zoals koper vervaardigd. Ze werden voornamelijk door vrouwen in de 17de en 18de eeuw gebruikt om hun benen en onderlichaam te verwarmen. De pot, met gaten bovenaan, werd gevuld met gloeiende kolen en werd dan onder de rokken geplaatst. Op deze manier werden de voeten, benen en dijen warm gehouden op koude dagen. 

Vaak hoorde er ook een houten bankje bij om de voeten op te plaatsen. Ze werden niet enkel binnenshuis gebruikt, maar werden vaak meegenomen naar de kerk of de markt.

Op het bekende schilderij ‘Het Melkmeisje’ van Johannes Vermeer (ca. 1660) is een vuurpot met houten bankje te zien op de achtergrond. Het was niet altijd een veilige manier om zich te verwarmen. Zo kon het al eens zijn dat er brandwonden opgelopen werden of zelfs rokken en kledij begonnen te branden met alle gevolgen van dien..

Het Melkmeisje van Vermeer (ca.1660)

 

ONTDEKKING VAN DE DAG

Het (ver)zoenkruis in Groot-Gelmen

Na een ongeval of moord plaatsen familie of kennissen vaak ter plekke een gedenkteken. Zogenaamde moordkruisen zijn al eeuwen bekend. Een bijzonder, zeldzaam kruis is een 'zoenkruis', opgericht door de partij van de moordenaar als verzoening met de familie van het slachtoffer. In Groot-Gelmen leunt er zo eentje nog tegen de kerkhofmuur:

Dit + staet ter memorie
van Jan Morbiers soon van
Leonard(us) Morbier(s) en Margareta
Bartole(yns) die van leve ter
doot bracht is deur Gysen
Vasoens, a(nno) 1643 ten 30 july
bidt voor
die ziele

In de zomer van 1643 werd Jan, de zoon van oud-schepen Leonard Morbiers, gedood door zijn dorpsgenoot Gijs Vasoens in Groot-Gelmen. De omstandigheden kennen we niet. Wel bleef een verslag bewaard van de bemiddelingsvergadering in herberg Het Klaverblad in Sint-Truiden. De twee broers van de moordenaar vroegen deze verzoening voor twee 'goede mannen', zijnde juristen-schepen van de stad. Notaris Van Nuyst stelde het contract op. Onder meer de vader van het slachtoffer, diens schoonzoon als secretaris van de rechtbank Gelinden en Christina Steukers, de moeder van de moordenaar, waren aanwezig. Die laatste nam de vergiffenis aan die vader Morbiers schonk aan moordenaar Gijs. 


Het kruis in maaskalksteen, met de ondergrondse voet

De moordenaar, zelf dus niet aanwezig, moest onmiddellijk 150 gulden laten betalen voor kosten van begrafenis en andere, en een jaarlijkse rente van 6 gulden voor een jaarmis, op een stuk akker.  Gijs moest binnen het jaar een stenen kruis oprichten op het plaatselijke kerkhof van 3,5 voet boven de aarde en met daarin de naam van Jan en zijn sterfdatum gekapt. Aan de armen van Groot-Gelmen zou hij 8 vaten koren geven en gebakken brood. Het brood was uit te delen in de week van de Sint-Maartenkermis, patroon van de parochie. De moeder van de moordenaar kreeg van de vader van het slachtoffer 3 vaten koren. Waarschijnlijk was ze onbemiddeld?
Alle notaris- en verteerkosten in het Klaverblad zijn voor rekening van Gijs of Gijsbrecht voluit, die een contactverbod van drie jaar krijgt met de kinderen en bloedverwanten van de vermoorde Jan. 

We schenken hier en nu nog altijd aandacht aan de vermoorde Jan. Wat bewijst dat deze eeuwenoude vorm van verzoening werkt. 




Jacques BROUWERS, Een zoenkruis te Groot-Gelmen, in Limburg, jg. 52, 1973, p. 61-68; Willem DRIESEN en Roger HAUBRECHTS, Groot-Gelmen via Helshoven. Wandeling, in Sint-Truiden, NATUURlijk een monument. Open Monumentendag Vlaanderen, Sint-Truiden: stadsbestuur, 2004, p. 104-109 en 111; Lambert BAREE te Groot-Gelmen, website home.scarlet.be/hetoudelandvanluik/, pagina Groot-Gelmen, 2019 raadpleging.