Bijzondere vondsten: Merovingische mantelspeld

Foto van de Merovingische mantelspeld die in Brustem Kapelhof werd gevonden. 

Bij het archeologisch onderzoek van Brustem Kapelhof kwam deze mooie mantelspeld naar boven. Deze mantelspeld of “fibula” is 57 mm lang, 24 mm breed en gemaakt van een koperlegering. Het gaat om een beugelfibula. Dit zijn mantelspelden met een kopplaat en een voetplaat, die met een beugel aan elkaar zijn verbonden. Dergelijke fibulae kwamen vroeg in de Merovingische periode voor. De mantelspeld van Brustem is versierd met drie knoppen en de datering van dit type ligt tussen eind 5de begin 6de eeuw.

Een fibula werd gebruikt om kledingstukken vast te maken of mantels dicht te spelden. De fibula kan gezien worden als de voorloper van de knoop of de hedendaagse ritssluiting.

Ze werden vaak uit koper, zilver, brons of zelfs goud gemaakt en bezitten een tweedelig sluitmechanisme in de vorm van een pen en een gaatje of beugel. Ook werden ze vaak rijk versierd met allerlei motieven in fijn smeed- en inlegwerk met edelstenen.

Op de locatie Brustem Kapelhof werd in het verleden toevallig al een Merovingische glaskraal gevonden. Daarnaast werd ook een bijzondere fibula uit de Karolingische periode aangetroffen tijdens het vooronderzoek. Toch werden er tijdens de archeologische opgraving verder geen andere sporen uit deze periodes gevonden. Zijn deze vondsten per ongeluk door iemand onderweg verloren of was er in het verleden in de omgeving toch een Merovingische nederzetting aanwezig? Verder onderzoek in de toekomst zou dit kunnen uitwijzen.

ONTDEKKING VAN DE DAG

Cartuyvels, (Marie Berthe) Marguerite, ijveraarster

Sint-Truiden 26.07.1871 Louis Woot de Trixhe 

Dochter van burgemeester-vrederechter Clément en Marie Marguérite Florence Macors . Rentenierster, echtgenote sinds 1892 van Louis Charles Adolphe Woot de Trixhe (Les Walleffes 1860 - Dinant 1900), rechter  rechtbank eerste aanleg Dinant. Minderbroedersstraat. Raadslid van het werk van de Dames de la Miséricorde, in de volksmond ‘Dames van de Floere Vod ’, een liefdadige vrouwenclub. Voorzitster van de Kantschool der Ursulinen. Verantwoordelijke voor de afdeling Maatschappelijke Werken van Sint-Truiden op de provinciale expo in 1907. 




Lit.: Djef MIEVIS, De kantnijverheid te Sint-Truiden, Antwerpen: Secretariaat der vrouwenorganisatie, 1908, p. 5; Dieu et le pauvre. Compte-rendu de l’oeuvre des Dames de la miséricorde à Saint-Trond de janvier 1913 à janvier 1914, Sint-Truiden: Moreau, z.j., p. 2; HBSTEV, 2006, p. 123.