Jacobs, Arthur Henri Trudo "Tuurke", verenigingsfiguur

Sint-Truiden 03-11-1927 Sint-Truiden 05-12.2007 , x Lucienne Cuypers 

Zoon van treinstoker- en machinist Gustaaf van Hasselt en Hubertine Marie Louise Paquay , Tentoonstellingsstraat . Ll. bij onderwijzer Hendrik Prijs. Hoofdtreinwachter . Schoonbroer van missionaris Cuypers, Nieuwerkerken.  Metgezel Rik Sterken en advocaat Guy Gysens. Acteur en later decorbouwer Groep Pol Stas. Lid dialectstudiekring Neigemenneke met diverse bijdragen in ‘t Bukske. Lid Vereniging Limburgse Auteurs. Amateur-kalligraaf en lid Kunstkring. 

Postzegelverzamelaar. Figuur in stripverhaal  Dré Mathijs. Hoofdrol als Suske de Poep  in Renovat-verfilming van Het zwakke verzet in 1985, première op 13.09.1986 met regisseur Miel Ruymen.



Publ.: Suske de Poep, in ’t Bukske, 1, 1984, p. 52-56; De ràpste pist van Europa, in ’t Bukske, 4, 1998, p. 28-32; Nostàlzjie (gedicht), in ’t Bukske, 4, 1998, p. 61; Duivensport, in ’t Bukske, 5, 2000, p. 24-31; De heen- zonder terugreis, in (Vredesfeesten), brochure, Sint-Truiden. Militaria, 1995, z.p. 
ONTDEKKING VAN DE DAG

Koningin Astrid, lieveling van het publiek

Verongelukte vorsten herdacht

De Zweedse prinses Astrid (°1909) werd in 1929 gemalin van onze Belgische vorst Leopold III. Ze verloor het leven bij een auto-ongeval in Zwitserland op 29 augustus 1935. De gemeenteraad hernoemde de Tentoonstellingsstraat al eind september in ‘Koningin Astridstraat’. In november 1937 organiseerde een comité van de Nationale Strijdersbond in het stadhuis een tentoonstelling van zandtapijt met de overleden Astrid op haar praalbed, om fondsen te werven voor een gedenkteken. Dat werd in de vorm van een postuum staatsieportret aangeboden aan het stadsbestuur tijdens de augustuskermis van 1939. Door de mobilisatie en de opeisingen ging deze plechtigheid met tentoonstelling verloren in het oorlogsnieuws.

De vermaarde Hasseltse portretschilder Jos Damien en zijn leerlinge-assistente Anne Rutten signeerden het schilderij.

Koningin Astrid wordt levensgroot en ten voeten uit afgebeeld in een paleisdecor en houdt een waaier van struisvogelveren vast. Ze draagt een witte galajurk met korte sleep en nonchalant gedragen losse mouwen. Oorhangers, armband en hanger met kruis tonen een groene smaragdkleur. De stralende vorstin draagt het zogenaamde ‘Diadeem der negen provinciën’. Dit kleinood, een verlovingscadeau van de Belgische bevolking uit februari 1925, bestaat uit een band met Griekse meandermotieven en werd door juwelier Van Bever vervaardigd. In de later herwerkte versie met ruiten zijn de elf briljanten ingewerkt als symbool van de toen negen provincies, plus België met vorstenhuis, plus Belgisch Congo.




In 1934 was in de inkomhal van het stadhuis al een gedenkteken opgericht voor vorst Albert I, na zijn tragisch klimongeval.