Pletsers, Lambert Antoine, gemeenteraadslid

Sint-Truiden 15.10.1895  Evere 25.07.1960  Liske Smets 

Zoon van venter Jacques Pletsers en Marie Josephine Dehairs. Neefje van leraar en socialist Leopold Dehairs. Handelsreiziger koffie, margarine en chocolade Société Générale Coöperative te Micheroux. Medestichter lokale socialistische afdeling Sint-Truiden. Provincieraadslid 1925-1946. Gemeenteraadslid 1926-WO II. Maakte gebruik van katholieke vete Cartuyvels-Blavier. 

Verschafte onderdak aan Duitse vluchtelingen en Internationale Brigadisten. Lokale patron. Huisvestte thuis coöperatieve winkel, mutualiteit en vergaderlokaal hoek Tiensesteenweg en Ziekerenweg. Uitgever socialistisch propagandablad voor kanton Sint-Truiden De Waarheid 1932. Voorzitter BWP-federatie Hasselt-Sint-Truiden 1937. Gijzelaar en gevangene 1942. Klandestiene druk van De Vrije Vaderlander. Omwille van steun aan betwiste Demarrez vervangen door Odilon Knops na WO II. Naar Evere, socialistisch gemeenteraadslid, schepen, voorzitter COO en Brabants provincieraadslid.

Publ.: Herinneringen aan de socialistische strijd in Limburg, s.l., 1953.
Lit.: Willy MASSIN, De Belgische Werkliedenpartij in Limburg (1918-1940). Kroniek van een trage opgang, Brussel: Stichting Louis De Brouckère ism. AMSAB en Emile Vandervelde instituut, 1981, p. 287 en passim; SCHEVENELS, p. 21, 29-31, 89-90 en passim; Primeur, 3, nr. 9, september 1996, p. 15-18, PARTIJPOLITIEK, p. 46-47, 67, 92 en passim.
ONTDEKKING VAN DE DAG

De trap des aanstoots

De Luikse architect Etienne Fayn slaagde erin om een mooi stadhuis in Luikse classicisme te ontwerpen rond de oude halle en de belforttoren. De stadsmagistraat betrok zijn nieuwe symmetrische bouw in juli 1759 onder begeleiding van drie kanonsalvo's. De interieurafwerking, vooral door de modieuze Luikse vakmensen, moest toen nog beginnen.
Maar... die saaie horizontale kroonlijst wou de stad als bouwheer toch verbeteren. Kijkend naar Brabant en Antwerpen liet ze in 1766 zwierige frontons met klokgevel, curven en tegencurven plaatsen aan de hoofdgevel. Pater minderbroeder Johannes Bolgrez bracht een plan mee uit Antwerpen. Ook kwam er een dubbele puitrap naar de verdieping, om de begane grond te kunnen verhuren. Enkele jaren later verdween deze blijkbaar té bombastische ingreep terug. 

Eigentijds kroniekschrijver Debruyn is genadeloos voor zoveel pretentie en tekent - met veel lekenfantasie - dit on-Luikse gedrocht. Hij schrijft ook hoe men half juni 1766 bouwt aan "eene nieuwe blauw steene balcon, ende het frontispicium wierd verciert met nieuwe crollen, oock met eenen nieuwen noijt in dese landen geinventeerde blauw steenen trap dienende tot spot der borgers ende vreemdelingen hier passerende om het onnodigh ende verquist geldt". 

Van deze verbeteringsoperatie getuigt nog een jaartalsteen met stadswapen boven het balkon. 






Lees: Christine VANTHILLO, Het stadhuis van Sint-Truiden, van binnen uit bekeken, in Sint-Truiden in de 18de eeuw, tentoonstellingscataloog, Sint-Truiden: Sint-Truiden 1300 vzw., 1993, p. 109-117; Fernand DUCHATEAU, Het boek van Debruyn. Een kroniek van de achttiende eeuw in Sint-Truiden, in idem, p. 168 en 209-267 en Sint-Truiden 1693-1793, in idem, p. 7-26; Het stadhuis van Sint-Truiden. Hart van de democratie, Sint-Truiden: stadsbestuur, 2018, p. 131-133.