Couplets de "Jan”

Couplets de "Jan”

“Ne parle pas” och .Jan, dje moet niks zeggen,
Want en de stad weudt sebiet gelameerd :
Ich bevroeg mich : wa zoo ich waôl aanleggen
Dô op de merk, weudt veul te veul verteerd !
Ich keus mischien ekleè besluijtje nemen
Ver dien och d'aander vreumd concert te verbiên;
Het spel was tâ, en s'hâne mich vergeten !

Ne parle pas, och Jan, ne parle pas. 

Ne parle pas, och Jan, dje moogt niks zeggen
Ich hâ schoen roepen op Mil, op Ree, op Trien ;
Ich stond dô djust 'lek en hin dij moet leggen
Al biddende ‘ne vader ons of tien!
Ich was bekan door de pikdroôd gekropen,
En docht: God geef! Da se de scheur nê zien!
Het park was tâ, ma d’achterdeur stond open;

Ne parle pas, och Jan, ne parle pas.

St-Trond s’éveille!!!, Sint-Truiden: Maatschappij Cicindria, 30 december 1906, drukkerij A. Berqueman, Brussel. Evenementenmaatschappij van liberale inslag sinds ca. 1903, met voorzitter machinefabrikant ijzergieter Julien Goffin, secretaris Sylvain Cartuyvels en erevoorzitter suikerfabrikant Guillaume Mellaerts. Later als Cicindria St-Trond Sportif ook organisator van sportmanifestaties en voetbalclub. In deze muzikale revue in de zaal van de Koninklijke Harmoniemaatschappij wordt de draak gestoken met het stadsbestuur. Hier in het bijzonder met een katholiek en zuinig gemeenteraadslid Jan.\n
 Wijze: Dragons de Villars.



ONTDEKKING VAN DE DAG

Koningin Astrid, lieveling van het publiek

Verongelukte vorsten herdacht

De Zweedse prinses Astrid (°1909) werd in 1929 gemalin van onze Belgische vorst Leopold III. Ze verloor het leven bij een auto-ongeval in Zwitserland op 29 augustus 1935. De gemeenteraad hernoemde de Tentoonstellingsstraat al eind september in ‘Koningin Astridstraat’. In november 1937 organiseerde een comité van de Nationale Strijdersbond in het stadhuis een tentoonstelling van zandtapijt met de overleden Astrid op haar praalbed, om fondsen te werven voor een gedenkteken. Dat werd in de vorm van een postuum staatsieportret aangeboden aan het stadsbestuur tijdens de augustuskermis van 1939. Door de mobilisatie en de opeisingen ging deze plechtigheid met tentoonstelling verloren in het oorlogsnieuws.

De vermaarde Hasseltse portretschilder Jos Damien en zijn leerlinge-assistente Anne Rutten signeerden het schilderij.

Koningin Astrid wordt levensgroot en ten voeten uit afgebeeld in een paleisdecor en houdt een waaier van struisvogelveren vast. Ze draagt een witte galajurk met korte sleep en nonchalant gedragen losse mouwen. Oorhangers, armband en hanger met kruis tonen een groene smaragdkleur. De stralende vorstin draagt het zogenaamde ‘Diadeem der negen provinciën’. Dit kleinood, een verlovingscadeau van de Belgische bevolking uit februari 1925, bestaat uit een band met Griekse meandermotieven en werd door juwelier Van Bever vervaardigd. In de later herwerkte versie met ruiten zijn de elf briljanten ingewerkt als symbool van de toen negen provincies, plus België met vorstenhuis, plus Belgisch Congo.




In 1934 was in de inkomhal van het stadhuis al een gedenkteken opgericht voor vorst Albert I, na zijn tragisch klimongeval.