Robyns, (Frans Hubert Edouard Arthur) Walter, botanist

Aalst bij Sint-Truiden 25.05.1901   Ukkel 27.12.1986  Hélène Honorine  Françoise Germaine Minten 

Zoon van landbouwer Desiré uit Mielen-boven-Aalst en Maria Hubertina Hortensia Tits.  

Ll. Klein Seminarie. Stelde herbarium samen met streekplanten olv. leraar Jozef Lenssen. Schoonbroer van componist Anatole Van Assche.  

Doctor natuurwetenschappen, plantkunde, 1933 en hoogleraar  te Leuven 1926-1971. Studie voor monografie over Vangueria Jussieu (Rubiaceae) in Kew (GB.) 1924-1925. Rijksplantentuin 1925. Directeur van de Nationale Plantentuin te Brussel 1931-1966. Gehuwd met Leuvense. Verhuis naar Meise 1958. Lid Koninklijke Academie Overzeese Wetenschappen 1930. Stichtend lid Koninklijke Academie België 1938 en International Association for Plant Taxonomy. Driehonderdtal publicaties o.a. over de flora van Belgisch Kongo en over de Belgische natuurreservaten. Bijdragen in biografische woordenboeken. Lid Koninklijke Commissie Monumenten en Landschappen 1934. Leuven. Naar Ukkel 1982. Voorzitter project Flore du Congo belge et du Ruanda-Urundi 1942-1963. Diverse plantennamen aan hem opgedragen o.a. Robynsia Hutchinson  (Rubiaceae).

Publ.: Over plantengroei en flora der kopervelden van Opper-Katanga, in Natuurwetenschappelijk tijdschrift, 14, 1932, p. 101-106; Botanique du Congo belge, in Encyclopédie du Congo belge, 1, 1950, p. 390-424; Ecologische aspecten van het behoud der natuur in de intertropische zone, in Koninklijke Academie Overzeese Wetenschappen. Mededelingen zittingen, 1963, p. 949-977.
Lit.: JORISSEN; WIWIV 1980, p. 770; André LAWALREE, in Bulletin van de Nationale Plantentuin van België, 57, nr. 1-2, 30 juni 1987, p 3-38; De plantkunde na 1930, in Geschiedenis van de wetenschappen in België 1815-2000, Brussel: Dexia, 2001, p. 253-254.
ONTDEKKING VAN DE DAG

Burgemeesterwapens

Elke burgemeester laat zijn wapen na

De burgemeesters die bouwden of verbouwden aan het stadhuis lieten hun naam na in de vorm van hun familiewapen. Dat gebeurde zowel bij de torenheropbouw in 1606, de nieuwbouw van het stadhuis in 1759, de inrichting in 1788, de restauratie in 1927 en de actuele restauratie en nieuwe inrichting afgerond in 2016.

Burgemeesters van voor 1795 waren vooral belastinginners en verdelers van stedelijke taken, anders dan de burgemeesters vandaag. De geschilderde wapens uit 1788 in de vroegere raadszaal, nu trouwzaal, zijn niet steeds met heraldische nauwkeurigheid bijgeschilderd in de loop der jaren.

Keel = rood, sabel = zwart en lazuur = blauw.


Jan Lycops1606: gedeeld, in I van keel met gouden korenschoof, in II van goud een huismerk van sabel in de vorm van een patriarchaal kruis onderaan heraldisch rechts herkruist. Belforttoren gevel.


Willem Preuveneers 1606: van keel met gouden keper beladen met drie meerlen in sabel en vergezeld van drie zilveren scheerdersscharen met de punt naar onder. Belfortoren gevel.


Baudoin Moers 1759: van goud met drie morenhoofden van sabel, met wrongen van zilver, geplaatst 2-1. Schoorsteenlambrizering vroegere raadszaal.



Maurice Schoenaerts 1759 in zilver een Boergondisch kruis van sabel met over alles heen een zilveren schelp. Schoorsteenlambrizering vroegere raadszaal.


Jean Barthélemy Balthazar de Pitteurs (-Hiegaerts) 1788: van zilver met een groene klimmende leeuw, rood geklauwd en getongd met schuinbalk van goud, beladen met vier zwarte koeken. Plafondlijst vroegere raadszaal.


Trudo Luesemans 1788: gevierendeeld, in I en IV geschaakt van keel en goud in vier rijen, elk van vier vakken. II en III in zilver drie ruiten van lazuur, geplaatst 2-1. Plafondlijst vroegere raadszaal.


Paul Cartuyvels 1927: op lazuur een zilveren, zwemmende zwaan met in het schildhoofd twee gouden sterren. Gebeeldhouwd onder het Trudobeeld in de belforttoren.


Veerle Heeren 2016: in goud een leeuw van keel, met kop en manen van sabel, geklauwd en getongd van lazuur, een gekanteeld schildhoofd van lazuur, bezaaid met venussymbolen van goud. Ingemetseld in de inkomhal.