Van den Put(te), Thomas "Puteanus", kunstschilder

Sint-Truiden 11.12.1532   25.04.1608  Mayken a Speculo 

Jongste zoon van commissaris Wauthier en Elisabeth Van Joeck.  

Gemeenteraadslid  en verantwoordelijke voor de stadsarchieven 1570. Afgevaardigde van smedenambacht en kunstenaars in wolweversgilde 1585. Eigenaar huis Tongerse weg 1597. Kunstschilder , verluchter, monogrammist . Lid smedengilde en broederschap H. Kruis. Broer van Luikse schepen en neefje van Georges Van Joeck, raadgever van de prinsbisschop.  Hofschilder van prinsbisschop Ernest van Beieren. Grootvader van tekenaar Franciscus Wennen (1620-1675). 

Evangeliarium Robert Quercentius Sint-Jan-de-Evangelist Luik, zes miniaturen getekend ‘TVP’; Evangelieboeken Quercentius 1560 en 1556-1557; In Musée d’Art Wallon Luik schilderijen Boodschap geboorte Isaac en Eliézer verkrijgt van Bathuel de hand van Rebecca voor Isaac, naam en wapenschild op keerzijde. Schilderij wijding Sint-Maarten in Sint-Martenkerk  en verluchting Sint-Truidens gebedenboek  Koninklijke Bibliotheek ‘s Gravenhage, toegeschreven.

Lit.: P. VANAISE, Le monogrammiste de l’évangéliaire dit de “de Quercentius” (1564-1565) ou Thomas vanden Put(te), dit Puteanus, enlumineur et peintre de Saint-Trond (1532-1609), in Bulletin de la société royale Le Vieux Liège, 97, 1966, nr. 153, p. 54-64; Francis GOOLE, Wapenkunde. Wapensagen, in De Vlaamse Stam, 3, 1967, p. 219-223; Georges DOGAER, in NBIOW, 11, 1985, kol. 609-611; Handschriften uit de abdij van Sint-Truiden, tent.cat., Leuven: Peeters, 1986, p. 64, 170 en 178; Martin KELLENS, in Limburg, 70, 1991, p. 178-179; Jean OVERATH, Pieter Coecke van Aelst en zijn tijd, Sint-Truiden: Stichting abdij, Stad en regio vzw., 1998, p. 13; BEKTRUI, 1, 2004, p. 15.
ONTDEKKING VAN DE DAG

Folcardus, abt ST

 Sint-Truiden 11.05.1145 

Jong ingetreden als monnik. Cellarius en cantor 1108, proost 1112. Ondanks protest van graaf van Duras  tot abt gewijd in Fosse 1138. Restaureerde verder de abdij na Rodulfus o.a. slaapzaal, kapittelzaal en infirmerie. Was in conflict met Arnold van Diest en maakte bezetting mee door Godfried van Brabant in 1140 en 1142. Ontving talrijke schenkingen van lokale burgerij, maar onderging brouwersopstand in 1143-1144. Liet goed in Hakendover  na. Begraven in midden abdijkerk 1145.

Lit.: RECUEIL, p. 14; MONBEL, p. 43-44; KRONIEK2, p. 10-24.