Helpt

Helpt

Een man bij wie twee koeien waren gestorven, kreeg van een tovenaar een potje zout om bij het raam te zetten. Sindsdien had de man geen ongeluk meer.

dô iw ene man dee mich vuil geholpen hei; mo dee doet da nâ nemie want di minse zien te vuil af; en ich hâ 2 kâs gestörve; en dee kam en gaf mich e puppeke zât; en ich moes het on ’t venster zette; en er is noeut niks nemie gebuird.

Opgetekend door A. Abeels, Leuven, 1965 in Brustem