De graaf van Bovelingen

De graaf van Bovelingen

Een man die een grenspaal had verplaatst, moest na zijn dood als spook in het veld komen staan met een gloeiende grenspaal in zijn handen. Hij riep dan "Waarheen moet ik hem dragen?" De oude X hoorde het en antwoordde "Waar je hem gehaald hebt!" Sindsdien heeft men het spook nooit meer gezien.

Daar was eens ene die had een 'reensteen' uitgedaan en op een andere plaats gezet en toen hij dood was, moest hij voor zijn straf altijd in 't veld komen staan met een 'gluinige' reensteen en dan riep hij 'Moe moet ik hem dragen? en dat hoorde de oude Pie Bosses en die ging hem verlossen en die riep terug 'Moe ge hem gehaald hebt'. En toen zette hij de steen terug op zijn plaats en sinds hebben ze hem niet meer gezien.

Opgetekend door F. Beckers, Leuven, 1947 in Duras

ONTDEKKING VAN DE DAG

Goyens, "Maternus" Guillaume Modest, minderbroeder

Sint-Truiden 29.10.1848 Gent 08.12.1905 

Zoon van graanhandelaar Arnold en Marie Clementine Vandereycken. Broer van minderbroeder ‘Hiëronymus’. 

Minderbroeder Tielt 1868, priester  1874. Gardiaan Sint-Truiden 1877-1878. Vicaris Rekem 1880-1883, Gent 1886-1892. Gardiaan Antwerpen 1895-1896. Vicaris Gent 1902-1905. Daar overleden bloedopdrang. Artikels in Le messager de Saint-François en De bode van den H. Franciscus van Assisië. Devotieboekjes o.a. over de H. Antonius van Padua, handboekje voor dienstmeiden en enkele historische werkjes o.a. over Grauwzusters. Bijnaam ‘de Paus’ binnen familie.

Publ.: De deugdzame dienstmeid in hare plichten onderwezen, Mechelen: Sint-Franciscusdrukkerij, 1901.
Lit.: Le Messager de Saint-François d’Assise, 31, 1905, p. 256-257; BERLO, p. 363, 369, 467 en 473; VAN MECHELEN, p. C15; JORISSEN; Lucianus CEYSSENS, Jeroom Goyens, onze eerste provincie-archivaris (1864-1942), in Franciscana, 50, 1995, p. 7.