De graaf van Bovelingen

De graaf van Bovelingen

Toen X 's nachts de wacht hield bij zijn aardappelen, zag hij hoe de graaf van Bovelingen met zijn paardenkoets kwam aangereden. De koets en de paarden leken wel van vuur. Vanuit zijn koets riep de graaf steeds opnieuw "Waarheen moet ik hem dragen?" De graaf droeg namelijk een grenspaal van vuur op zijn schouders. Zo gebeurde het regelmatig dat de mensen uit de buurt de graaf met zijn grenspaal zagen zeulen terwijl hij de hele tijd wanhopig jammerde. Op een dag weerklonk er echter een antwoord op de vraag van de graaf "Daar moet je de grenspaal zetten." Sindsdien heeft men de spokende graaf nooit meer gezien of gehoord. Alleen door ongeoorloofde praktijken zoals het verplaatsen van grenspalen, is de graaf van het kasteel van Bovelingen erin geslaagd om twaalfhonderd bunder bij elkaar te krijgen. Maar dergelijke zaken worden altijd bestraft.

Teuke was 's nachts eens op zijn aardappelen aan 't letten toen de graaf van Bovelingen met zijn koets met vier paarden, alles puur vuur, afgereden kwam. En van in zijn koets riep de graaf altijd maar opnieuw 'Moe moet ik hem dragen?' en hij had een 'reensteen' van vuur op zijn schouders. Er zijn veel mensen die dat gezien hebben hier in 't veld, daar had hij veel goederen liggen. En toen op een keer kwam daar een stem en die antwoordde hem 'Daar moet ge hem zetten.' En toen hebben ze hem nooit meer gezien of gehoord. Waar zouden ze op het kasteel van Bovelingen die twaalfhonderd 'bonder' anders gehaald hebben als het niet was van te pakken overal en zwart goed te kopen. Maar ge ziet wat daarvan komt.

Opgetekend door F. Beckers, Leuven, 1947 in Engelmanshoven

ONTDEKKING VAN DE DAG

Honderdduizenden zelfbouwkapelletjes aan onze gevels

Honderdduizenden zelfbouwkapelletjes

Priester Fernand Mariën, eerst onderpastoor in Jette en later kloosterdirecteur en godsdienstleraar bij de Ursulinen in Tildonk, startte in 1956 een nationale actie ‘Regnum Mariae’. Op zowat alle huisgevels verschenen houten kapelletjes met daarin een Italiaans plaasteren beeldje van de Madonna. De distributie kaderde in een Mariaal offensief van twaalf weken in de parochie met een propagandadag en een “koninginnedag” waarbij iedereen zijn zelfbouwkapelletje kon afhalen. Voor het vensterglas moest je zelf zorgen, want in principe was het kleinood gratis. Giften werden in dank aanvaard. Bij het overlijden van de initiatiefnemer in 1978 zouden er een kwart miljoen gevelkapelletjes verspreid zijn.

Actie-affiche

In de loop van de actiejaren veranderde het kapelmodel. Kenmerkend bleven de Maria-M getopt met kruisje en het gekroonde M-monogram dat verwees naar het Rijk van Maria. In de laatste fase waren de gevelkapelletjes actueel gestroomlijnd en in kunststof uitgevoerd. De honderden houten exemplaren in Sint-Truiden hebben de tand des tijds meestal niet overleefd. Ze worden zeldzaam.


Gevel school zusters Sint-Vincentius-a-Paulo te Zepperen. Afgebroken. 


Lees: Roger DE BROECK, Gevelkapelletjes in Vlaanderen, in Ons Heem, 55, 2001, nr. 2, p. 196-219: Henri VANNOPPEN, in Kapellen in Vlaanderen, Brussel: FARO, 2002.