Joris Vriamont

Joris ‘Vrijemond’,
wasserijzoon uit de Zoutstraat

In de jaren twintig schreef hij amper honderdvijftig bladzijden vol. Vooral voor zijn vrienden. Door de ondeugende taal met ‘vulven’ en andere was Vriamonts proza immers niet gepast voor het grote publiek. Zijn romanfiguur Tabarijn beweerde: ‘Men heeft immer de auto en de echtgenote van een vriend te zijner beschikking’. Toen was dat nog ongehoorde taal, de lezer van Brusselmans en Co is intussen wel meer gewoon. Die libertijnse, spottende ideeën waren door de jonge Vriamont op papier gezet toen hij in Brussel als muziekleraar en concertorganisator, maar vooral als pianoverkoper aan de kost kwam. Geld was er om uit te geven. Zijn dagen waren gevuld ‘met dartelen, koppelen, trippen, pijpen rn lampetten, kortom in de primauteit van de geest. En daarmee basta’. Hij omringde zich in zijn stamcafé ‘Le Roy d’Espagne’ op de Brusselse Grote Markt met beroemde vrienden. Zo prees August Vermeylen hem als ‘Vriend Vrijemond’ en bleven bijna tweehonderd brieven aan Stijn Streuvels bewaard.

Vriamonts hoofdwerk is zeker ‘De Exploten van Tabarijn’. Een heidense schelm vertelt na een jachtpartij aan zijn maten hoe hij als circusacrobaat, vatenspoeler in een taverne, papierarbeider in Bagdad en koning van een kannibalenstam fantastische dingen en vrouwen meemaakte. Een beetje baron Von Münchausen en Candide van Voltaire tegelijk.




Joris – eigenlijk Georges – leefde tussen 1896 (Lincent) en 1961 (Brussel). Zijn vader nam in 1904 de wasserij-ververij van zijn vrouws familie Neys-Ingenbleeck over. Later was daar de fietsenwinkel Pirard. Sint-Truiden, zo schreef Vriamont, was één der mooiste steden van het land. Joris haalde hier zijn onderwijzersdiploma en volgde les bij Robert Mouling in de Stedelijke Muziekacademie. In 1916 verliet hij Sint-Truiden voor Waterloo. 




Publ.: Sebbedee, ’s-Gravenhage: z.n., 1926, novelle; De exploten van Tabarijn, Maastricht: A.A.M. Stols, 1927, novelle, heruitgave Leuven: Kritak, 1994; Sabbat, De Bezige Bij, z.p., 1945, novelle; December, overdruk uit De Vlaamse Gids, Brussel, 1950, novelle; (vert.) Poèmes en prose de Karel van de Woestyne, Brussel: Editions “un coup de dés”…, 1956



Zijn verzameld werk is in 1994 bij Kritak heruitgegeven en het jaar daarop kreeg Vriamont dank zij het tijdschrift Appel zijn gedenkplaat in de Zoutstraat. Voor meer info kan je terecht in een artikel door de onvolprezen romanist Guido Wulms (+), die systematisch alle Sint-Truidense schrijvers bestudeerde, en in aflevering 44, september 2000, van de Limburgse Monografieën, door germanist Frans Van Campenhout.

Foto van Joris Vriamont (r.) met August Vermeylen (l.) in 1944


Gedenkplaat 1995 in de Zoutstraat, intussen bewaard in de stedelijke bibliotheek




ONTDEKKING VAN DE DAG

Blavier, (Marie Hubert) Emile, politicus

Sint-Truiden 11.05.1884   Sint-Jans-Molenbeek 10 of 16.08.1946 Virginie Crokaert  

Zoon van herenboer Eugène uit Attenhoven en Marie Virginie Devue . Ouderlijk huis hoeve Stayenhof. 

Studeerde Germaanse filologie in Leuven. Voorzitter Limburgse studentengilde . Leraar Paturages 1910, Ath, Gent, Brussel, Chimay, Elsene en koninklijk atheneum Hasselt 1919-1922. Krijgsgevangen burgerwacht WO I, tentenkamp Munster tot begin 1915. Gehuwd met Zellikse. Gemeenteraadslid  1921 en schepen  van openbare werken en onderwijs 1926-1938. Katholiek volksvertegenwoordiger  1921-1945, senator 1946. Bijkomende rechtenstudie afgebroken. Eerst liberaal, dan activist en later katholiek minimalist. Lid Katholieke Vlaamse Kamergroep en verdediger minimumprogramma Van Cauwelaert o.a. in debat met Herman Vos in 1924. 6de jaarlijks congres Katholieke Vlaamse Landsbond  in Sint-Truiden 1927. Wetsvoorstellen bestuurlijke amnestie 1924 en taalgebruik middelbaar onderwijs 1932. Artikels in De Standaard. 

Dagelijks bestuur Katholieke Vlaamsche Landsbond 1930-1935 en betrokken bij de christelijke middenstand. Scheurlijst Verenigde Katholieken1932 na open conflict met conservatief katholieke burgemeester Cartuyvels  over commissarisbenoeming broer Joseph Blavier 1928. Christen-democratisch verruimer. Legendarisch dienstbetoon. IJverde voor sociale huisvesting, oudstrijders, katholiek onderwijs en landbouwersbelangen. Ondervoorzitter literaire Van Veldeke-Leëncomité 1938. Lijkrede door burgemeester Thenaers in De Tram  25.08.1946. Geschilderd portret door Jos Tysmans 1932. 

Grafmonument met IJzertoren Schurhoven.  

 Info: ODIS-databank, AMVC en HIP.
 Lit.: Ernest DE LAMINNE, Notes et impressions de captivité. Contribution à l’histoire de la Kultur, Luik, 1919, p. 23-25; Le cas de M. Blavier, in La Libre Belgique, 42, nr. 340, ca. 1920; Paul VRYDAGHS, Blavier in de amnestie-commissie, in De Schelde, 08.01.1925; HBVL, 22.11.1932; Adriaan LINTERS, Biografie van Emile Blavier, Hasselt: eigen beheer, 1969-1970; Bernard VAN CAUSENBROECK, in NEVLAB, p. 510-511; Frank DECAT, Partijpolitiek in Sint-Truiden tijdens het interbellum. De strijd Cartuyvels-Blavier, in LOLL, 79, 2000, p. 41-96; Urbain VANDERCASTEELEN, De noam Blavjei (BLAVIER) is bekénd in Sintrùin, in 't Bukske, nr. 3, Sint-Truiden: Neigemenneke, 2015, p. 64-66.