De oude advocaat van Gelinden kwam terug

De oude advocaat van Gelinden kwam terug

In de kelder van X had men een oude advocaat verbannen. De advocaat was schatrijk, maar veel van zijn grond had hij zich onrechtmatig toegeëigend. Toen de advocaat gestorven was en men zijn lijk had opgebaard, was het dode lichaam plots verdwenen. Om geen paniek te zaaien onder de dorpsbewoners had men de kist dan maar met stenen opgevuld en zo begraven. Na zijn dood kwam de advocaat echter spoken in een kelder. Een Redemptorist heeft zijn geest verbannen naar een gedeelte van de kelder, die men dan dichtgemetseld heeft. Omdat iemand die niet goed begraven werd steeds kan terugkomen om te spoken, verbant de pastoor nu iedere dode in zijn graf.

In Lusisses kelder is de oude advocaat verbannen. Die was schrikkelijk rijk maar dat was niet allemaal van hem, als die de kans klaar zag dan palmde hij een stuk van uw land in en hij gooide uw 'reensteen' uit en hij plantte een andere met zijn naam op. Toen die gestorven was en toen hij 'op de walm'lag' was op een keer zijn lijk weg. Maar om dat stil te houden hebben ze de kist toen vol stenen gedaan en zo begraven. Maar daarna kwam die terug en dan spookte hij daar in de kelder. En toen is daar een Redemptorist geweest en die heeft hem verbannen gehad in de helft van de kelder en dat hebben ze toen toegemetseld. Ja, iemand die niet goed begraven is, die komt terug. Daarom bant de pastoor nu iedere dode in zijn graf, dan kan hij niet meer terugkomen.

Opgetekend door F. Beckers, Leuven, 1947 in Gelinden

ONTDEKKING VAN DE DAG

Een weerwolf in Melveren

Een weerwolf in Melveren

In Melveren , een gehucht van Sint-Truiden, woonde een zekere X. Op zekere dag ging X met zijn vriendin naar de kermis in Kortenbos. Deze man had echter een pact gesloten met de duivel, wat betekende dat hij regelmatig enkele uren als weerwolf moest rondlopen. Omdat X op de kermis plots voelde dat dat moment was aangebroken, zei hij tegen zijn vriendin: "Als je een hond zou tegenkomen, gooi dan deze zakdoek naar zijn muil. Op die manier zal het beest je geen kwaad doen." 

Omdat een weerwolf geen kruis kan oversteken, moet hij de draadjes van de zakdoek één voor één uitrafelen vooraleer hij verder kan. 

Het meisje antwoordde: "Neen, blijf maar bij mij!", waarop haar vriend: "Neen, ik moet dringend even een boodschap doen." 

Toen X weg was, kwam er een lelijke zwarte hond naar het meisje toe. Ze deed onmiddellijk wat haar vriend had gezegd, waarop de hond de zakdoek in stukken scheurde. Een kwartier later kwam X terug. Zijn vriendin vertelde hem dat ze doodsangsten had uitgestaan terwijl hij weg was. Wat verderop ging het tweetal iets drinken in een café. Het meisje bekeek haar vriend eens goed, en riep geschokt: "Jij smeerlap, je bent het zelf geweest, want de vezels van de zakdoek hangen nog tussen je tanden!" 

X zei dat ze het zich maar inbeeldde, maar het meisje wilde hem toch nooit meer zien.


Opgetekend door F. Beckers in 1947.
Bron: volksverhalenbank.be