Macht

Macht

Bij een gezin in Gelinden verbleef een man die elders ging overnachten. Toch zag een vrouw de man elke nacht door haar kamer wandelen. Het gezicht van de man zag ze niet. Toen de bezoeker weg was, zag de vrouw het spook niet meer.

toen ik klein was, woonde er iemand bij ons in; maar ’s nachts ging die mens ergens anders slapen; maar elke nacht zag ik ne man langzaam door m’n kamer wandelen; die droeg vodden rond z’n benen maar z’n gezicht heb ik niet gezien; en nadat de man weg was, is dat spook ook verdwenen; dat was zo iemand die eigenaardige zaken kon doen.

Opgetekend door A. Abeels, Leuven, 1965 in Gelinden