Heksen bidden verkeerd

Heksen bidden verkeerd

Vroeger waren er vrouwen die zich 's nachts onzichtbaar konden maken en dan naar buiten gingen. Ze legden dan een bezem in het bed, zodat hun echtgenoten niet zouden merken dat ze weg waren. Op een dag kreeg een klompenmaker bezoek van zulke heksen die zichzelf onzichtbaar hadden gemaakt. Hij hoorde ze zeggen "Wilveren, wilveren", waarop een andere zei "Neeveren, neeveren, het is X de timmerman." De volgende zondag zat X in de kerk achter enkele vrouwen die hij hoorde bidden als volgt "Haver en hooi, haver en hooi, haver en hooi", waarop de anderen antwoordden "Heksel en strooi, heksel en strooi, heksel en strooi". Omdat X wel van een grapje hield, bad hij mee "Paardenstront, paardenstront, paardenstront." Daarop draaide één van de heksen haar hoofd en vroeg "Behoor jij ook tot ons genootschap?" X begon te lachen en ging elders zitten.

Vroeger bestonden er wijven die in 'persibel' gingen, weet ge wat dat is? Die gingen uit maar ge kont ze niet zien wel horen, en als ze uitgingen legden ze een 'bessem' in 't bed nevens hun man, dan voelde die niet dat ze weg waren. Een klompenmaker heeft me verteld dat ze eens rond hem zaten, want hij hoorde hen zeggen 'Wilveren, wilveren', en toen een andere 'Neeveren, neeveren, 't is Pie-Ber de timmerman.' En 's zondags in de kerk lag die Pie-Ber achter enige wijven en hij stak zijn kop wat bij om te luisteren en toen hoorde hij hoe die 'beedden' 'Haver en hooi, haver en hooi, haver en hooi' en dan antwoordden ze gelijk in een litanie 'Heksel en strooi, heksel en strooi, heksel en strooi' en Pie-Ber was een vies man en hij zei ook mee 'Paardenstront, paardenstront, paardenstront.' Toen draaide daar een hare kop en ze zei 'Zijt gij ook ene van onze Compagnie?' Maar hij schoot in een lach en hij ging ergens anders zitten. Dat waren van die dat ook in 'persibel' gingen.

Opgetekend door F. Beckers, Leuven, 1947 in Gorsem

ONTDEKKING VAN DE DAG

Brouwers, Jacques (Jean Xavier), auteur

Sittard 28.10.1912 Maastricht 25.02.2000 

Broer van de priesters Jan en Emile. Klein Seminarie, ondervoorzitter Utile Dulci 1932. Kortverhalen onder pseud. ‘Henk van Dijk’. Priester 1937. Kapelaan Membach 1937, administrator Kelmis (La Calamine) 1943 en kapelaan Welkenraedt 1944. Pastoor Bois 1949, Gelinden 1953 en Smeermaas 1966-1977. Overleden aan brandwonden bejaardenhuis Jekerdal Maastricht. Streekgeschiedenis in Limburgse tijdschriften en dagblad. 

Biografische notities in NBIOW. Lid Société d’art et d’histoire du diocèse de Liège en Koninklijke Zuid-Nederlandse Maatschappij voor Taal- en Letterkunde en Geschiedenis. Voorzitter Geschied- en Oudheidkundige Kring GOSSU Lanaken 1972-1977. Prijs Gemeentekrediet van België.

Als pastoor van Gelinden bezorgde hij dit dorp een hele reeks historische bijdragen en trok de aandacht op de lokale mergelontsluiting met zijn unieke fossielen.

Lees: JORISSEN; Huldenummer E.H. J. Brouwers, in GOSSU Tijdingen, 24, 1987, p. 95-146; De verdienstelijke historicus E.H. Jacques Brouwers, in Weit was…, Sint-Truiden: Heemkring Sint-Truiden Zuid-Oost, 2, 2009, nr. 2, p. 28-29.
Publicaties, onder meer: De vrouw met de zwarte sluier, een heksenproces te Gelinden in 1667-1669, in Limburg 16, 1957, p. 263-266, 273-284 en 301-308; Feestgids bij gelegenheid van de Eerste plechtige H. Mis van de eerwaarde pater Raoul Vanswegenoven Scheutist…, Gelinden, 1963; De mergel van Gelinden, in Limburg, 44, 1965, p. 70-79; Mirakuleuze genezing van twee Gelindenaren te Kortenbos, in HBVL, 20.05.1983; Gelinden, Engelmanshoven, Klein- en Groot-Gelmen in de Oostenrijkse Successieoorlog (1740-1748), in Limburg, 64, 1985, p. 166-174; Wederopbouw van de toren te Engelmanshoven, in Limburg, 66, 1987, p. 33-34; De heren van Brustem, in OLL, 43, 1988, p. 55-92; De Zoon van de Schrijnwerker, in Positief. Thomas More-genootschap, nr. 193, juni 1989, p. 181-186.