Heksenmeester rijdt ook naar Keulen

Heksenmeester rijdt ook naar Keulen

Een man ging naar een plaats waarvan hij wist dat er regelmatig een wit paardje kwam. Hij ging dan op het paardje zitten en zei "Hoepel, kapoepel, over heggen en hagen tot in de wijnkelder in Keulen". Op een dag vertelde hij zijn verhaal over het witte paardje aan een vriend. Die vriend zei "Ik zou ook wel een keer willen meegaan om daar eens lekker te drinken!", waarop de man hem voorstelde "Het paardje komt op de Osseweg in het Zwartaardebos. Als je wil, kom je er ook maar eens naartoe." Reeds de volgende avond ging de man naar de plaats die hem was gezegd, en hij zag daar het witte paardje al aankomen. Hoewel zijn vriend er nog niet was, sprong hij op de rug van het dier en zei "Hoepel, kapoepel, door heggen en hagen tot in de wijnkelder in Keulen". Toen de man aankwam, was hij helemaal bebloed omdat hij onderweg verschrikkelijk was toegetakeld. Het witte paardje was ongedeerd. De man had zijn lesje wel geleerd toen hij wilde terugkomen, zorgde hij ervoor dat hij de juiste woorden uitsprak!

De oude Kwinten zaliger vertelde eens dat hij ene gekend had die wist waar een wit paardje kwam en daar ging hij op zitten en dan zei hij 'Hoepel, kapoepel, over heggen en hagen tot Keulen in de wijnkelder' en dat vertelde hij tegen een kameraad en die zei 'Ik zou ook wel eens willen meegaan me daar goed zat zuipen.' - 'Ik zal u zeggen waar het komt, daar komt ge dan ook maar eens, het is op de Osseweg in het Zwartaardebos.' De eerste avond ging die daar al heen maar de andere was er niet en toen hij het wit paardje zag, kon hij niet meer wachten. Hij sprong erop en zei 'Hoepel, kapoepel, door heggen en hagen tot Keulen in de wijnkelder'. Hij had zo niet op de woorden gelet en hij kwam heel verhakkeld daar aan, maar 't wit paardje had niets. Of hij toen nog 'goesting' had in de wijn, weet ik niet, maar toen hij terugkwam was hij geleerd en hij paste beter op zijn woorden.

Opgetekend door F. Beckers, Leuven, 1947 in Gorsem

ONTDEKKING VAN DE DAG

Het (ver)zoenkruis in Groot-Gelmen

Na een ongeval of moord plaatsen familie of kennissen vaak ter plekke een gedenkteken. Zogenaamde moordkruisen zijn al eeuwen bekend. Een bijzonder, zeldzaam kruis is een 'zoenkruis', opgericht door de partij van de moordenaar als verzoening met de familie van het slachtoffer. In Groot-Gelmen leunt er zo eentje nog tegen de kerkhofmuur:

Dit + staet ter memorie
van Jan Morbiers soon van
Leonard(us) Morbier(s) en Margareta
Bartole(yns) die van leve ter
doot bracht is deur Gysen
Vasoens, a(nno) 1643 ten 30 july
bidt voor
die ziele

In de zomer van 1643 werd Jan, de zoon van oud-schepen Leonard Morbiers, gedood door zijn dorpsgenoot Gijs Vasoens in Groot-Gelmen. De omstandigheden kennen we niet. Wel bleef een verslag bewaard van de bemiddelingsvergadering in herberg Het Klaverblad in Sint-Truiden. De twee broers van de moordenaar vroegen deze verzoening voor twee 'goede mannen', zijnde juristen-schepen van de stad. Notaris Van Nuyst stelde het contract op. Onder meer de vader van het slachtoffer, diens schoonzoon als secretaris van de rechtbank Gelinden en Christina Steukers, de moeder van de moordenaar, waren aanwezig. Die laatste nam de vergiffenis aan die vader Morbiers schonk aan moordenaar Gijs. 


Het kruis in maaskalksteen, met de ondergrondse voet

De moordenaar, zelf dus niet aanwezig, moest onmiddellijk 150 gulden laten betalen voor kosten van begrafenis en andere, en een jaarlijkse rente van 6 gulden voor een jaarmis, op een stuk akker.  Gijs moest binnen het jaar een stenen kruis oprichten op het plaatselijke kerkhof van 3,5 voet boven de aarde en met daarin de naam van Jan en zijn sterfdatum gekapt. Aan de armen van Groot-Gelmen zou hij 8 vaten koren geven en gebakken brood. Het brood was uit te delen in de week van de Sint-Maartenkermis, patroon van de parochie. De moeder van de moordenaar kreeg van de vader van het slachtoffer 3 vaten koren. Waarschijnlijk was ze onbemiddeld?
Alle notaris- en verteerkosten in het Klaverblad zijn voor rekening van Gijs of Gijsbrecht voluit, die een contactverbod van drie jaar krijgt met de kinderen en bloedverwanten van de vermoorde Jan. 

We schenken hier en nu nog altijd aandacht aan de vermoorde Jan. Wat bewijst dat deze eeuwenoude vorm van verzoening werkt. 




Jacques BROUWERS, Een zoenkruis te Groot-Gelmen, in Limburg, jg. 52, 1973, p. 61-68; Willem DRIESEN en Roger HAUBRECHTS, Groot-Gelmen via Helshoven. Wandeling, in Sint-Truiden, NATUURlijk een monument. Open Monumentendag Vlaanderen, Sint-Truiden: stadsbestuur, 2004, p. 104-109 en 111; Lambert BAREE te Groot-Gelmen, website home.scarlet.be/hetoudelandvanluik/, pagina Groot-Gelmen, 2019 raadpleging.