De graaf van Mechelen-Bovelingen

De graaf van Mechelen-Bovelingen

Op het kasteeldomein van Bovelingen reed 's nachts vaak een geestenkoets rond, die door paarden werd getrokken. Op een dag vroeg een voorbijganger aan de koets "Waarom kom je hier altijd? Wat wil je hebben?", waarop een stem antwoordde "De dag voor jou en de nacht voor mij." Een Witheer die pastoor was van Batsheers, heeft de geest verbannen aan een eik. Vóór hij daarin slaagde, had de pastoor heel wat moeten verduren, want de geest had hem onderweg meerdere malen in een beek geduwd. Achteraf zei de pastoor "Gelukkig kende ik mijn paternoster goed, want anders zou het duiveltje mij lelijk toegetakeld hebben!" Hoewel de geest was verbannen, hebben de kinderen die op het kasteel waren geboren, heel hun leven ongeluk gehad.

Op het kasteel van Bovelingen reed vroeger 's nachts een vurige koets rond en ze was door vuurpaarden getrokken. De mensen van het kasteel vroegen eens wat ze moesten hebben. 'De dag voor u en de nacht voor mij' antwoordde een stem uit de koets. W., de pastoor van Batsheers, een Witheer, heeft die geest gebannen aan een eik. Maar eerst had de geest hem door een beek gejaagd. De pastoor van Batsheers zei daarna altijd ''t Is goed dat ik mijn paternosterke goed heb gekennen, anders zou 't duivelke mij gerendjeerd hemmen' (toegetakeld hebben). Op dat kasteel is er toen nog geen geluk geweest, daar waren veel kinderen en ze zijn allemaal weggetrokken, en er is niets van hen gekomen.

Opgetekend door F. Beckers, Leuven, 1947 in Groot-Gelmen

ONTDEKKING VAN DE DAG

Strenge, geleerde heren op het 'schoon verdiep'

In de schepenzaal van het 18de-eeuwse stadhuis op de Grote Markt ontvangt het stadsbestuur nu voorname gasten en overheden om beleid te onderhandelen, en akten officieel te ondertekenen. Voor 1800 zetelden hier de schepenen van de beide heren, maar dan werkelijk als rechters in burgerlijke en criminele zaken. Een berucht proces was dat tegen de brandstichters in 1784, Suske de Poup, 't Voorvelleke en hun medeplichtigen.

In dit lokaal hangen zeven ovale stucmedaillons met daarin grisailles op doek. Het trompe l'oeuil van deze grijze schilderijtjes geeft een 3D-effect en was minder duur dan echt modelleerwerk. De onderwerpen moesten de geleerdheid van de zittende heren van deze rechtbank benadrukken. De geest van Verlichting met rede en wetenschap is hier duidelijk aanwezig. De hoe bezoekers van andere steden in de 18de eeuw zullen ogen tekort gehad hebben om dit allemaal te ontcijferen en bewonderen. Dit is duidelijk een pronkzaaltje van de assertieve stad Sint-Truiden. 

De tafereeltjes tonen mollige gevleugelde jongetjes of 'putti' die druk in de weer zijn met kunst en wetenschap: astronomie, architectuur, muziek, alchemie, beeldhouwkunst, handel-rekenkunst en schilderkunst. Niet toevallig signeerde Diestenaar Pieter-Jan De Craen dit laatste tafereeltje met DE CRAEN F(ecit) ! Hij verdiende drie kronen per tafereel met deze opdracht. 



Astronomie: drie putti zijn druk doende met hun observaties. In een leeg decor hanteert een jongetje een zeekijker, gericht naar de hemel. Op de voorgrond bestudeert een staande putto met loep het armillarium op voet. Vooraan liggen nog een telescoop, een passer en een winkelhaak. De zittende putto wijst een plek aan op een wereldbol op voet. 

Alchemie: in een interieur met wandrekken vol rokende kolven, destilleertoestel en vaatjes zijn drie putti aan het werk. Vooraan een rieten bloemenmandje en achteraan een haard. Eén jongetje, zittend op een kussen in een stoel met armleuningen, beoordeelt de inhoud van een glazen kolf, terwijl een destilleertoestel met stookdeurtje overloopt naar een kolf met handvatten. Zijn helper stampt in een vijzel op sokkel producten fijn en het derde figuurtje brengt een kom bij. De strik van het ophanglint is hier rijker dan bij de andere medaillons en gedecoreerd met een bloempjesrank. 


Lees: Franz AUMANN, Symboliek op het 'schoon verdiep' van het Sint-Truidense stadhuis, in Sint-Truiden een zoektocht naar symbolen, Open Monumentendag Vlaanderen, Sint-Truiden: stadsbestuur, 2002, p. 19-27; Frank DECAT, Sint-Truiden 1784: criminele\nhistories in een Luikse stad, Leuven: Davidsfonds, 2012; Het stadhuis van Sint-Truiden. Hart van de democratie, Sint-Truiden: stadsbestuur, 2018, p. 56-61.