Onttoveren door contact met de heks

Onttoveren door contact met de heks

Bij een boer in Zepperen gebeurden vreemde dingen in de stal. Het gebeurde meermaals dat de dieren 's ochtends met de ketenen ineengestrengeld stonden, of dat hun staarten aan elkaar waren gebonden. Soms waren de dieren zonder aanleiding helemaal bezweet. Ten einde raad liet de boer een zekere X komen om de problemen op te lossen. Alle bewoners van de boerderij moesten gaan slapen, behalve de boer, want die moest X vergezellen naar de stal. X legde een groot vuur aan en begon te lezen in een boek. Plotseling klopte er iemand op de deur van de stal. De boer wilde opendoen, maar X verbood het hem. Toen er voor de derde maal geklopt werd, mocht de boer wel opendoen. De heks kwam binnen en ze wreef in haar handen "Wat is het toch koud, meester!" X stond niet toe dat ze haar handen warmde bij het vuur en hij beval "Nu ga je al het kwaad dat je hier hebt aangericht, ongedaan maken, of anders laat ik u levend verbranden!" De heks was blij dat haar leven gespaard bleef en deed wat er gevraagd werd. Sindsdien gebeurden er geen vreemde dingen meer in de stal.

In Zepperen heb ik eens horen zeggen dat bij een boer de beesten 's morgens allemaal met de 'ketels' overeen stonden en dan waren de staarten weer aaneengebonden en dan stonden ze weer nat van 't zweet. Toen hadden ze de meester, de oude Koe-Jan doen roepen, dat was een slimme, en die kwam op een avond en hij deed ze allemaal slapen gaan, alleen de jongen die hem geroepen had moest bij hem blijven. Toen lei hij een groot vuur aan en toen begon hij te lezen in een boek en toen klopte daar iets. De jongen wou opendoen. 'Neen, dat niet', zei Koe-Jan en hij 'leesde' maar door. Toen klopte het weer en de jongen mocht nog niet opendoen, en toen het de derde keer klopte zei hij 'Doet nu maar open.' En toen kwam de heks daar binnen en ze wreef in haar handen 'Wat is 't koud, meester' zei ze. Maar Koe-Jan liet haar haar handen niet warmen en hij zei 'Nu gaat ge hier alles goed doen, wat ge hier aangedaan hebt, of ik doe u 'leeftig' verbranden.' Toen was ze blij dat ze dat kon doen en daarna maakte ze dat ze weg was.

Opgetekend door F. Beckers, Leuven, 1947 in Runkelen

ONTDEKKING VAN DE DAG

Vijftig deniers, te spenderen bij de Truiense handelaars

De Truiense afdeling van het Nationaal Christelijk Middenstandsverbond (NCMV, later Unizo) is opgericht in 1925. Onder voorzitter Omer Thierie en ondervoorzitter Alain Nolens, bakker, was het NCMV erg actief in de crisisjaren 1980. Zo werd er een secretariaat gevestigd in de Minderbroedersstraat. 

Ook in 1980 liet het NCMV een kopie in messing maken van zilveren en gouden penningen bij gelegenheid van 1325 jaar 'bestaan' Sint-Truiden. Deze token van 50 deniers (of 50 Belgische franken) was in de tweede helft van de feestmaand december enkel te koop bij deelnemende handelaars, herkenbaar aan een vitrineklever. Na deze periode kon de penning bij elke bankinstelling terug worden ingewisseld. Ook de maanden na de actie konden verzamelaars terecht bij de Dienst voor Toerisme voor aankoop van de token. 

De rectozijde van de munt toont een middeleeuws zegel van de heilige Trudo voor de abdij, met de randtekst SANCTI TRUDONIS SIGILLUM. Op de versozijde staat het stadswapen met dubbelhoofdige adelaar, omkranst door streekfruit, korenhalmen en ossenkop. Die zijde draagt de randtekst SENATUS POPULUSQUE TRUDONENSIS 655-1980.  50 DENIERS. 


Foto's Mark Dusar Sint-Truiden