Een vrouw uit Metsteren had een kindje dat altijd ziek was. In het hoofdkussen van het kind vonden de paters een hand. Gelukkig was de duim nog niet af, want anders zou het kind gestorven zijn.
Netche woenden in Metstere; en di hâ e kind da altêd mo ziek was; en de pôters zeide van ’t kopkussen oupe te doen; en ze voengen er een hând in; en den döm allien was ni af; anders was het kind gestörve.
Opgetekend door A. Abeels, Leuven, 1965 in Runkelen

Het station van Sint-Truiden, vermoedelijk op 11 augustus 1915. Een jaar na de veldslagen in Orsmaal-Gussenhoven en Halen zakt generaal Moritz von Bissing af naar het voormalige slagveld. Hij deelt er enkele IJzeren Kruisen (de hoogste Duitse onderscheiding) uit aan moedige soldaten.
Von Bissing, zelf een voormalige cavalerieofficier, was sinds december 1914 in functie als gouverneur-generaal december 1914 in functie als gouverneur-generaal van het bezette België. In die hoedanigheid is hij de hoogste Duitse militair van het land en heeft Von Bissing een nagenoeg onbeperkte macht. Von Bissing streeft naar een volledige naoorlogse aanhechting van ons land bij het Duitse rijk, maar hij sterft nog tijdens de oorlog, op 18 april 1917. Hij is dan 73.
De Duitsers waren trouwens gek op de grandeur van dergelijke ceremonies. Op de voorgrond staat een muziekkapel met pinhelmen, klaar om een eresaluut te spelen. Uit verslagen uit de oorlogsjaren weten we dat diezelfde muziekkapel elke week het beste van zichzelf gaf op de kiosk in Sint-Truiden.