Heks verlaat haar lichaam

Heks verlaat haar lichaam

Naast X de heks woonde een vrouwtje dat de eieren van haar kip nergens kon vinden. Iedereen vermoedde wel dat de kip haar eieren op de zolder van de heks legde, maar iedereen was bang van X. Op een dag kwam de zoon van het vrouwtje thuis met de boodschap dat hij X boven op de berg had gezien. "Ga dan eens gauw kijken op de zolder van de heks", vroeg het vrouwtje aan haar zoon. De zoon deed het en vond inderdaad de eieren op X s zolder. Op het ogenblik dat de zoon de eieren wilde aanraken, weerklonk er een stem "Laat dat eens liggen, snotneus!" Het was enkel X' geest die had gesproken, want haar lichaam stond nog steeds boven op de berg. Pas enkele uren later heeft men X zien terugkeren van de berg.

Polieneke was een heks en daarnevens woonde een braaf vrouwke en die haar hen lei haar eieren verloren. Maar ze dachten wel dat ze op de zolder van Polieneke lei, maar ze hadden schrik van haar. En op een keer kwam het jongske thuis en hij zei dat hij Polieneke daar boven op de berg gezien had. 'Ga dan eens gauw zien naar die eieren op haar zolder' zei 't vrouwke. Maar toen hij zijn hand juist op de eieren wou leggen, zei Polieneke ineens 'Laat ze liggen snotneus.' Dat was haar geest en haar lichaam stond daarginder boven ontgeest, want een beetje daarna kwam ze eerst terug aan. Dat kunnen de heksen.

Opgetekend door F. Beckers, Leuven, 1947 in Wilderen

ONTDEKKING VAN DE DAG

Koningin Astrid, lieveling van het publiek

Verongelukte vorsten herdacht

De Zweedse prinses Astrid (°1909) werd in 1929 gemalin van onze Belgische vorst Leopold III. Ze verloor het leven bij een auto-ongeval in Zwitserland op 29 augustus 1935. De gemeenteraad hernoemde de Tentoonstellingsstraat al eind september in ‘Koningin Astridstraat’. In november 1937 organiseerde een comité van de Nationale Strijdersbond in het stadhuis een tentoonstelling van zandtapijt met de overleden Astrid op haar praalbed, om fondsen te werven voor een gedenkteken. Dat werd in de vorm van een postuum staatsieportret aangeboden aan het stadsbestuur tijdens de augustuskermis van 1939. Door de mobilisatie en de opeisingen ging deze plechtigheid met tentoonstelling verloren in het oorlogsnieuws.

De vermaarde Hasseltse portretschilder Jos Damien en zijn leerlinge-assistente Anne Rutten signeerden het schilderij.

Koningin Astrid wordt levensgroot en ten voeten uit afgebeeld in een paleisdecor en houdt een waaier van struisvogelveren vast. Ze draagt een witte galajurk met korte sleep en nonchalant gedragen losse mouwen. Oorhangers, armband en hanger met kruis tonen een groene smaragdkleur. De stralende vorstin draagt het zogenaamde ‘Diadeem der negen provinciën’. Dit kleinood, een verlovingscadeau van de Belgische bevolking uit februari 1925, bestaat uit een band met Griekse meandermotieven en werd door juwelier Van Bever vervaardigd. In de later herwerkte versie met ruiten zijn de elf briljanten ingewerkt als symbool van de toen negen provincies, plus België met vorstenhuis, plus Belgisch Congo.




In 1934 was in de inkomhal van het stadhuis al een gedenkteken opgericht voor vorst Albert I, na zijn tragisch klimongeval.