Boes, (Marie Guillaume) Gustave, schooldirecteur

Alken, 30.01.1889  Luik 01.02.1949

Zoon van brouwer Arthur en Emilie Trouwers. 

College Hasselt. Licentiaat letteren en wijsbegeerte Leuven. Priester  1913. Leraar college Borgworm (Waremme) 1914. Leraar  college Tongeren 1918 en directeur 1920. Directeur Klein Seminarie 1922-1947. Stimuleerde vernederlandsing, algemene vorming en kunstenonderwijs. 

Als vicaris-generaal vanaf 1947 aan de basis van oprichting college Borgloon, technische school Borgworm (Waremme) en landbouwschool Ouffet. Huisprelaat van de Paus, historicus en numismaat. Verdere uitbouw muntencollectie Schryen van Klein Seminarie. Opgravingen van de vroegere abdijkerk 1939-1940. Medestichter van de Vrienden van het Begijnhof  1936. Restauratie kerkje Guvelingen  1937. Lid provinciaal comité monumenten 1938. 

Geschilderde portretten door Jos Tysmans en door Leon Pringels.

Publicaties: Le Petit Séminaire du diocèse de Liège établi dans l’ancienne abbaye à Saint-Trond, in La revue catholique des idées et des faits, 12, 25 maart 1932, p. 216-221; Monnaies inédites de la collection du Petit Séminaire de Saint-Trond, in Revue belge de numismatique, 84, 1932, p. 5-12; De archeologische opgravingen in de voormalige abdij (thans Seminarie) te Sint-Truiden, in Verzamelde Opstellen, 16, 1941, p. 33-54; L’Eglise de Guvelingen près de Saint-Trond, in Revue belge d’archéologie et d’histoire de l’art, 17, 1947-1948, p. 107-118; L’Abbaye de Saint-Trond des origines jusqu’à 1155, Tongeren, 1970.
 Lees: JORISSEN; Hubert KESTERS, Mgr. Gustaaf Boes (1889-1949), in Limburg, 49, 1970, p. 46-56; Louis ROPPE, Boes, Gustaaf, groot-vicaris, huisprelaat van de Paus en geschiedkundige, in NBIOW, 8, 1979, kol. 64-67.


ONTDEKKING VAN DE DAG

De trap des aanstoots

De Luikse architect Etienne Fayn slaagde erin om een mooi stadhuis in Luikse classicisme te ontwerpen rond de oude halle en de belforttoren. De stadsmagistraat betrok zijn nieuwe symmetrische bouw in juli 1759 onder begeleiding van drie kanonsalvo's. De interieurafwerking, vooral door de modieuze Luikse vakmensen, moest toen nog beginnen.
Maar... die saaie horizontale kroonlijst wou de stad als bouwheer toch verbeteren. Kijkend naar Brabant en Antwerpen liet ze in 1766 zwierige frontons met klokgevel, curven en tegencurven plaatsen aan de hoofdgevel. Pater minderbroeder Johannes Bolgrez bracht een plan mee uit Antwerpen. Ook kwam er een dubbele puitrap naar de verdieping, om de begane grond te kunnen verhuren. Enkele jaren later verdween deze blijkbaar té bombastische ingreep terug. 

Eigentijds kroniekschrijver Debruyn is genadeloos voor zoveel pretentie en tekent - met veel lekenfantasie - dit on-Luikse gedrocht. Hij schrijft ook hoe men half juni 1766 bouwt aan "eene nieuwe blauw steene balcon, ende het frontispicium wierd verciert met nieuwe crollen, oock met eenen nieuwen noijt in dese landen geinventeerde blauw steenen trap dienende tot spot der borgers ende vreemdelingen hier passerende om het onnodigh ende verquist geldt". 

Van deze verbeteringsoperatie getuigt nog een jaartalsteen met stadswapen boven het balkon. 






Lees: Christine VANTHILLO, Het stadhuis van Sint-Truiden, van binnen uit bekeken, in Sint-Truiden in de 18de eeuw, tentoonstellingscataloog, Sint-Truiden: Sint-Truiden 1300 vzw., 1993, p. 109-117; Fernand DUCHATEAU, Het boek van Debruyn. Een kroniek van de achttiende eeuw in Sint-Truiden, in idem, p. 168 en 209-267 en Sint-Truiden 1693-1793, in idem, p. 7-26; Het stadhuis van Sint-Truiden. Hart van de democratie, Sint-Truiden: stadsbestuur, 2018, p. 131-133.