Halmaal

Halmaal

Maar honderd hectaren groot ligt Halmaal aan de Molenbeek en de weg van Velm naar Sint-Truiden. Tot in 1970 was het een zelfstandige gemeente die in 1859 al een eigen wapenschild goedgekeurd kreeg, naar het model van een oud schepenzegel. Sint-Pieter met zijn sleutel draagt een pausstaf en een zonnetje straalt volop.
Tafeltennissers en Sikhs zijn er actief: de enen in de club Hoger-Op-Halmaal (°1979) en de anderen in hun tempel van de vzw Gurudwara Sangat Sahib.

De parochie Halmale wordt ca. 680 vermeld bij de goederen van klooster Sint-Vaast bij Atrecht, in 1603 geruild tegen Provins door abdij Sint-Truiden. voortaan hoofdtiendheffer en begever. Kerk in puin werd heropgebouwd. Voogdij door graven van Loon. Nu annexkerk van Bevingen, valt onder hetzelfde kerkfabriek.


De eerder banale Sint-Pieter en Sint-Pauluskerk Halmaal was oorspronkelijk een laatgotisch zaalkerkje, gedateerd 1603 (inscriptie op zuidgevel). Omstreeks 1893 werd het kerkje met één travee vergroot aan de westzijde en voorzien van transeptarmen. Bij deze uitbreiding werd het gebouw ook aangepast in neoromaanse stijl. De architect van deze ingreep was E. Serrure (1856-1925), stadsarchitect van Sint-Truiden vanaf 1882; naast de verbouwing van de kerk van Halmaal paste hij ook de Sint-Martinuskerk in de binnenstad aan in neoromaanse stijl. Inscripties in één van de gevelstenen en geveltop van de sacristie met de initialen P. VdM en datum 1842 wijzen vermoedelijk op nog eerdere aanpassingen aan de ker

De binnenafwerking is recenter dan het exterieur, vermoedelijk 20ste-eeuws. De baksteenmuren zijn niet bepleisterd. Het schip is overspannen met een houten tongewelf, ter hoogte van de transeptarmen ligt een vlakke houten zoldering .

Geukens (1977) vermeldt enkel een 18de-eeuwse altaartafel in gepolychromeerd hout. De huidige altaartafel is echter recenter en niet waardevol op zichzelf. De beelden van de patroonheiligen Sint-Pieter en Sint-Paulus werden gestolen in 2002 (persbericht 11/04/2002)

Onderschrift bij deze foto

Het orgel werd samengesteld uit andere orgels door E. Verschueren van Tongeren in 1920.

Kerk en het kerkhof liggen hoger dan het straatniveau. Het kerkhof is actief in gebruik, er zijn geen beschermde grafstenen.

Halmaal is een straatdorp, evenwijdig aan de Molenbeek, gelegen tussen het centrum van Sint-Truiden en Velm. Het is een klein dorp met zeer weinig faciliteiten, er zijn amper winkels en horeca-gelegenheden. De parochiezaal is de enige gemeenschapsruimte in het dorp. De kerk markeert het centrum van het dorp. Rondom de woonzone in de vorm van lintbebouwing, bevinden zich voornamelijk agrarische activiteiten. Vroeger was er een probleem met overstromingen in Halmaal maar sinds de aanleg van een nieuw wachtbekken is dit probleem grotendeels opgelost.


De parochiezaal Allenthuis Halmaal-Dorp, is gelegen vlakbij de kerk en regelmatig gebruikt door lokale verenigingen en wordt verhuurd voor feesten. Apart is de Sikhtempel Gurdwara Sangat Sahib in Halmaal-Dorp. Sinds 1993 is de tempel van de Sikh gemeenschap ondergebracht in een gebouw gelegen vlakbij de kerk. In België wonen ongeveer 4000 sihks, waarvan een grote groep in en om SintTruiden. In juni 2014 liep de tempel schade op door een brand. De Sikh-gemeenschap kocht later dat jaar een bouwgrond langs de Diestersteenweg in Sint-Truiden voor de bouw van een nieuwe tempel. 

Geert VANDERWAEREN, Dorpsmonografie Halmaal, eindwerk, Hasselt, 1979



ONTDEKKING VAN DE DAG

Expo 1907

De ‘Expositie’

De ‘Expositie’ in 1907 was hét supermoment voor Sint-Truiden. Sinds 1860 had het de eerste plaats in Limburg moeten afgeven aan Hasselt. Maar de provinciegouverneur kwam uit Sint-Truiden en een ambitieus team wilde hier de Luikse tentoonstelling van 1905 overdoen. 




In 1907 volgde Sint-Truiden het Luikse voorbeeld van 1905 en hield een provinciale tentoonstelling op een lange strook van de braakterreinen bij het spoorwegstation tot en met het stadspark. Een brug leidde de bezoekers over de Diestersteenweg. De volkswijk De Hel had plaats gemaakt voor het ‘klein stadspark’. Bij de paviljoenen vielen vooral het Paleis de Mijnen en het bouwsel van de steenkoolmijnen van Dahlbush op. De steengroeven van de Ourthe lieten een gedenkzuil oprichten en de oude Parkschool herbergde veilig de tentoonstelling van Oude Kunst.

Een stadsgenoot, baron Henri de Pitteurs-Hiegaerts was sinds 1894 provinciegouverneur en in augustus 1901 werd in Limburg steenkool ontdekt, waar dezelfde familie belangen had. Dokterszoon en bankier Leon Debruyn nam het voortouw. Zijn zwager was notaris Nagels. Ook de ondernemers Baltus, koloniale waren, en Claes-Lekens, bouwpromotor, waren ambitieus. Het organisatiecomité bood een model arbeiderswoning aan het Bureel van Weldadigheid (OCMW), die nog steeds bestaat in de Spoorwegstraat.




Op 28 juli 1907 kon de breedgebaarde, al oudere koning Leopold II met zijn dochter prinses Clémentine vanop de tribune de trekpaarden van Clément Peten uit Velm bewonderen. Ook prins Albert bezocht de tentoonstelling. Op 22 december was het hoogfeest van de belle époque en van de durvende ondernemers in Sint-Truiden voorbij. Meer dan een half miljoen bezoekers en ‘speelreizigers’ – de toenmalige benaming voor toeristen - bezochten expo en stad. De bebouwing in de al geplande nieuwe stationswijk kon starten. Van de expo restte later enkel nog de prestigieuze Prins-Albertlaan en de Expositiestraat, in 1930 vervangen door ‘Astrid’straat. Een gedenksteen staat ingemetseld in een hekpaviljoen van het stadspark. 

Van deze ‘wereldtentoonstelling’ voor de Truienaar bleven talrijke prentbriefkaarten en een pas in 1910 rijkelijk uitgegeven ‘Guldenboek’ bewaard. Uitzonderlijk ook persoonlijke toegangskaarten met portretfoto.


Gedenksteen als herinnering aan de Expo, gemetseld in één van de ingangspaviljoentjes van het stadspark



Kathleen DIGNEF, De provinciale tentoonstelling van 1907 te Sint-Truiden: de ‘Wereldtentoonstelling’ voor de Truienaar, in: Historische bijdragen over Sint-Truiden en omgeving, Sint-Truiden: GOKSint-Truiden. 2006, p. 115-126.