Vallei van de Cicindria met kasteeldorp Kerkom

Ten zuiden van Sint-Truiden heeft de Cicindria(beek) een asymmetrische vallei met steilere oostelijke helling ingesneden in het Haspengouws leemplateau met zijn open field landschap van vruchtbare akkers. De asymmetrische valleihellingen zijn doorsneden door holle wegen.

De oorspronkelijke kerndorpen en traditioneel gesloten hoeven, omgeven door weiden en boomgaarden, liggen voornamelijk in de beekvallei. Recente bebouwing situeert zich grotendeels langs de verbindingswegen, zoals hier de Naamsesteenweg. Ten oosten wordt het beoogde landschap begrensd door het militair domein van Brustem, zodat het in feite geïsoleerd ligt tussen beide landschapsstorende elementen.

135381 is een landbouwdorp met gave kern ten oosten van de Naamsesteenweg. De vierkanthoeven zijn gegroepeerd rondom de centraal, op een heuvel gelegen kerksite met ommuurd kerkhof en oude grafkruisen, ten zuiden van het kasteel. De 135381 brandde in 1975 grotendeels af. Alleen de buitenmuren van toren, schip en koor met de volledige sacristie bleven gespaard. Het huidige, neoclassicistische uitzicht van de zaalkerk dateert van de vergroting in 1885. Het oostwaarts georiënteerde koor is uit de eerste helft van de 18de eeuw. De 135381 bezit een historisch interessante, 19de-eeuwse ommuurde voor- en omhaagde achtertuin. De dorpsmolen, aanhorigheid van het kasteel, ligt ten zuiden op de Cicindria, plaatselijk ook de Molenbeek genaamd. Watermolen en hoeve vormen een U-vorm complex rondom een gekasseide binnenplaats, ten noorden afgesloten door een muur met aanleunende dienstgebouwen en centraal hek. Een nieuwe woonwijk ligt thans ten oosten van de dorpskern, bij de Bosberg. Een hoge haag vormt de scheiding tussen het kasteelpark en de woonwijk.

De beboste hoogte biedt zicht op het kasteeldomein, dat ten noorden bij het dorp aansluit in een haakse bocht van de Cicindria. Het 135381 wordt ook wel Alstergoed of in de volksmond Rood kasteel genoemd. Het huidige kasteel van Kerkom werd einde 19de eeuw in eclectische stijl gebouwd ten noordwesten van een ouder gebouw uit 1760. Daarvan bleef slechts één vleugel met hoektoren als dienstgebouw bewaard. Rond beide gebouwen, gescheiden door een terrastuin met twee paviljoenen, werd een ruim en riant landschapspark aangelegd, voorzien van een grote vijver met eilandje. Een hoofdtoegang met inrijpoort en oprijlaan leidde naar het kasteel, een secundaire toegang naar de erekoer van het oude hof. Rond 1990 werd het goed verkocht en werden op de oude kasteelsite een stoeterij en manege gebouwd. De boomgaarden ten noordwesten werden vervangen door een renbaan. De oorspronkelijke hagen en dichte begroeiing langs de begrenzende straten werd gedubbeld met of vervangen door een draadafsluiting. Niet tegenstaande deze ingreep bleven nog ruimschoots voldoende intrinsieke waarden (onder andere perspectieven, bomen- en bosgroepen, bouwkundig patrimonium en reliëf) behouden. Het uitgestrekte park met licht glooiende grasvelden, weilanden, solitairen, bomengordel en bomengroepen sluit ten noorden en ten oosten aan bij de bossen en struwelen op de rand van de Keelberg. Vanaf het kasteel lopen zichtassen langs de bossen naar het noordoosten in de richting van Aalst en naar het noordwesten in de richting van Straten.

Ten westen sluit dit kasteeldomein naadloos aan op de landerijen van een tweede kasteel, het zogenaamd 135381. Het Wit kasteel met kasteelhoeve en aanhorigheden is een oud landgoed van ongeveer 40 hectare. De gebouwen werden oorspronkelijk opgetrokken in 17de-eeuwse Maasstijl, later gewijzigd in classicistische stijl. Kasteel en hoeve vormen nu een U-vormig complex, grotendeels in witgekalkte baksteenbouw. Het gekasseide ereplein, afgezoomd door een monumentaal toegangshek, is door een brede beukendreef met de Naamsesteenweg verbonden. Een tweede, korte en nu afgeschafte oprit in kassei loopt door een laagstamboomgaard naar het poortgebouw in de zuidvleugel. Ten zuidoosten van het kasteel ligt een landschappelijk park met een uitgestrekte waterpartij, duidelijk ontstaan uit een ouder grachtensysteem. Een sierlijke boogbrug overspant de zuidelijke arm van de vijver. De omgeving is landelijk, met akkers, boomgaarden en meidoornhaag langs de straat. Opmerkelijk vanaf de straat is het gevarieerde en imposante volumespel van de gebouwen tegen de beboomde achtergrond van landschap.

Noordelijker langs de Cicindria, tussen Kerkom en Bevingen, is Straten een zeer oud gehucht zonder eigenlijke kern. De bebouwing is gekrompen tot enkele hoeven, onder andere de 16de-eeuwse 135381. Zij vormen belangrijke elementen in een landelijke omgeving met akkers, weiden, boomgaarden, hagen en holle wegen. Het perceleringspatroon is er historisch stabiel.


Bron     : Aanduidingsdossier ankerplaats 'Vallei van de Cicindria met kasteeldorp Kerkom', definitieve aanduiding 20/11/2007. Agentschap Onroerend Erfgoed, Brussel.
Auteurs :  Agentschap Onroerend Erfgoed
Datum  : 2007

Bron: Bevat overheidsinformatie, verkregen onder de modellicentie voor gratis hergebruik Vlaanderen v1.0. URI:
Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: Vallei van de Cicindria met kasteeldorp Kerkom [online] https://inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten/135381 Geraadpleegd op 12-11-2019

 

ONTDEKKING VAN DE DAG

De Tongersesteenweg (1817), ruggengraat van Limburgs-Haspengouw


De Tongersesteenweg (1817), ruggengraat van Limburgs-Haspengouw


Het efficiënte romeinse weggennet, zoals de ‘kassei’ Tongeren-Tienen, verviel in de vroege middeleeuwen. Waar geen bevaarbare waterlopen waren, was men opnieuw aangewezen op lokale onverharde verbindingen met diverse alternatieven naargelang de seizoensmodder. Terwijl het Luikerland in de 18de eeuw steenwegen aanlegde voor economische ontsluiting zoals de weg Luik-Sint-Truiden(-Brussel) in 1715-1740, was de Franse bezetter rond 1800 vooral militair gemotiveerd voor snelle, rechtlijnige verbindingen. De ‘Route Napoleon’ of het deel Maastricht-Tongeren van de verbinding Keulen-Duinkerken werd in 1804-1813 afgewerkt.

Vandermaelenkaart ca. 1850 met de steenweg als rechtlijnige verbinding. Bareel en kilometerpalen of ‘bornes’


Het was wachten op de Hollanders en hun Waterstaat-ingenieur De Sermoise om op 9 december 1817 de eerste steen te laten leggen aan de Sint-Truiderpoort in Tongeren door de provinciegouverneur. Het tracé dwars door de velden en weiden trok al snel handel en bewoning van de opzij liggende dorpskernen aan, getuige de jaartallen op vele gevels en de verbindingen zoals de dreef te Ordingen. De oude ‘Truierbaan’ in Rijkel verviel tot veldweg. Een tolbarreel aan het kruispunt met de Houtstraat Brustem deed dienst tot in 1867 deze gebruikersbijdrage werd opgeheven.

De weg naar Tongeren startte aan de oude Brustempoort. De beginkilometers waren gekend voor het omtuinde Casino (1862), het huis Moreau (1872), de arbeidershuisjes en het koetsenatelier Vanslype op de Pinberg en later voor de Veiling Haspengouw (1939-2017) en toegangen tot de Industriezone Schurhoven.

Na deze steenweg voltooide men vanuit de stad Sint-Truiden de kasseiwegen naar Hasselt (1838), Diest (1844) en Namen (1855).


In augustus 1914 kon de Duitse ruiterij haar opmars van Tongeren naar Sint-Truiden (en Orsmaal) ongestoord uitvoeren. Ze staken huizen in brand op de Pinberg, maar ter compensatie kwamen er nog voor het oorlogseinde enkele ‘Pruisenhuisjes’ of modelwoningen langs de Tongersesteenweg.

Drie rotondes in Ordingen, Borgloon en Tongeren moeten de verkeersstroom, vaak ‘gehinderd’ door traag landbouwverkeer, op deze N79 veiliger later verlopen. De lengte van deze gewestweg Sin-Truiden bedraagt tot aan de landgrens in Vroenhoven 34,6 kilometers. In Tongeren sluit ze aan op de autosnelweg Antwerpen-Luik E313.

De spoorlijn Tienen-Tongeren iets ten noorden van de steenweg was tussen 1876 en 1957 actief voor personenvervoer en biedt nu op haar tracé een recreatieve en toeristische fietsweg. 



Lees: Frank MULLENERS, ‘De eerstesteenlegging van de steenweg Tongeren-Sint-Truiden (1817)’, in ‘Historische bijdragen ter nagedachtenis van G. Heynen’, Sint-Truiden: Geschiedkundige kring van Sint-Truiden, 1984, p. 227-230; ‘Sint-Truiden ingekaderd 1830-1914’, tentoonstellingscatalogus, Sint-Truiden: vzw. Sint-Truiden 1300, 1998, p. 110-123.