Twee pijlers bij de toegang tot het voormalige kasteeldomein Nieuwenhoven. De pijlers zijn gelegen ten zuidwesten van het 300765 aan de Hasseltsesteenweg naast een koetsierswoning uit het laatste kwart van de 19de eeuw.
Deze nieuwe toegang tot het domein Nieuwenhoven werd waarschijnlijk aangelegd rond 1878, het jaar van de opbouw van de ernaast gelegen koetsierswoning. Van hieruit vertrekt er een slingerende gekasseide laan, geflankeerd door jonge beuken, van anderhalve kilometer tot aan het kasteel (weg kadastraal geregistreerd in 1902). Dit is nog steeds de toegang tot het provinciaal domein Nieuwenhoven.
Aan weerszijde van de toegang twee zware vierkanten pijlers opgetrokken uit Maastrichtersteen (mergel) en blauwe hardsteen. De pijlers zijn geringd door gebouchardeerde blauwe hardsteen en hebben een uitgewerkte bekroning, vroeger met bol.
Naast de toegangsdreef voormalige koetsierswoning (Hasseltsesteenweg 324) gedateerd door een recente jaarsteen "Anno 1878". Vandaag is de woning sterk verbouwd, maar er zijn nog elementen aanwezig die net als de andere bijgebouwen van Nieuwenhoven een pittoresk karakter aan de woning geven door het gebruik van houtwerk tegen de gevels. Het gebouw sloot qua stijl nauw aan bij de 300765 en de 300765.
Bron: Bevat overheidsinformatie, verkregen onder de modellicentie voor gratis hergebruik Vlaanderen v1.0. URI:
Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: Toegangspijlers domein Nieuwenhoven [online] https://inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten/300765 Geraadpleegd op 12-11-2019
Na een ongeval of moord plaatsen familie of kennissen vaak ter plekke een gedenkteken. Zogenaamde moordkruisen zijn al eeuwen bekend. Een bijzonder, zeldzaam kruis is een 'zoenkruis', opgericht door de partij van de moordenaar als verzoening met de familie van het slachtoffer. In Groot-Gelmen leunt er zo eentje nog tegen de kerkhofmuur:
Dit + staet ter memorie
van Jan Morbiers soon van
Leonard(us) Morbier(s) en Margareta
Bartole(yns) die van leve ter
doot bracht is deur Gysen
Vasoens, a(nno) 1643 ten 30 july
bidt voor
die ziele
In de zomer van 1643 werd Jan, de zoon van oud-schepen Leonard Morbiers, gedood door zijn dorpsgenoot Gijs Vasoens in Groot-Gelmen. De omstandigheden kennen we niet. Wel bleef een verslag bewaard van de bemiddelingsvergadering in herberg Het Klaverblad in Sint-Truiden. De twee broers van de moordenaar vroegen deze verzoening voor twee 'goede mannen', zijnde juristen-schepen van de stad. Notaris Van Nuyst stelde het contract op. Onder meer de vader van het slachtoffer, diens schoonzoon als secretaris van de rechtbank Gelinden en Christina Steukers, de moeder van de moordenaar, waren aanwezig. Die laatste nam de vergiffenis aan die vader Morbiers schonk aan moordenaar Gijs.

De moordenaar, zelf dus niet aanwezig, moest onmiddellijk 150 gulden laten betalen voor kosten van begrafenis en andere, en een jaarlijkse rente van 6 gulden voor een jaarmis, op een stuk akker. Gijs moest binnen het jaar een stenen kruis oprichten op het plaatselijke kerkhof van 3,5 voet boven de aarde en met daarin de naam van Jan en zijn sterfdatum gekapt. Aan de armen van Groot-Gelmen zou hij 8 vaten koren geven en gebakken brood. Het brood was uit te delen in de week van de Sint-Maartenkermis, patroon van de parochie. De moeder van de moordenaar kreeg van de vader van het slachtoffer 3 vaten koren. Waarschijnlijk was ze onbemiddeld?
Alle notaris- en verteerkosten in het Klaverblad zijn voor rekening van Gijs of Gijsbrecht voluit, die een contactverbod van drie jaar krijgt met de kinderen en bloedverwanten van de vermoorde Jan.
We schenken hier en nu nog altijd aandacht aan de vermoorde Jan. Wat bewijst dat deze eeuwenoude vorm van verzoening werkt.