Parochiekerk Sint-Lambertus

Neogotische kruisbasiliek, van circa 1925, gelegen op een hoogte, met omgevend kerkhof.

De plattegrond beschrijft een westelijk gerichte voorgevel, geflankeerd door een vierkante toren ten zuiden, een driebeukig schip van drie traveeën, een transept van één travee, een koor van twee rechte traveeën met driezijdige sluiting, geschraagd door steunberen en voorzien van een sacristie aan de zuidzijde. De kerk is volledig opgetrokken uit breuksteen, en voorzien van spitsboogvensters.

Interieur: pseudo-basilicale opstand met bakstenen spitsboogarcaden op zuilen met acanthusbladkapiteel. Kruisribgewelven waarvan de ribben steunen op colonnetten met kraagstenen.

Mobilair: Gekruisigde Christus, hout (18de eeuw); Sint-Sebastiaan, volkskunst, gepolychromeerd hout (18de eeuw); Sint-Lambertus (18de eeuw); Sint-Sebastiaan, gepolychromeerd hout (circa 1700).


Bron     : Schlusmans F. met medewerking van Gyselinck J., Linters A., Wissels R., Buyle M. & De Graeve M.-Ch. 1981: Inventaris van het cultuurbezit in België, Architectuur, Provincie Limburg, Arrondissement Hasselt, Bouwen door de eeuwen heen in Vlaanderen 6N2 (He-Z), Brussel - Gent.
Auteurs :  Schlusmans, Frieda
Datum  : 1981

Bron: Bevat overheidsinformatie, verkregen onder de modellicentie voor gratis hergebruik Vlaanderen v1.0. URI:
Agentschap Onroerend Erfgoed 2019: Parochiekerk Sint-Lambertus [online] https://inventaris.onroerenderfgoed.be/erfgoedobjecten/84296 Geraadpleegd op 12-11-2019

 

ONTDEKKING VAN DE DAG

Een weerwolf in Melveren

Een weerwolf in Melveren

In Melveren , een gehucht van Sint-Truiden, woonde een zekere X. Op zekere dag ging X met zijn vriendin naar de kermis in Kortenbos. Deze man had echter een pact gesloten met de duivel, wat betekende dat hij regelmatig enkele uren als weerwolf moest rondlopen. Omdat X op de kermis plots voelde dat dat moment was aangebroken, zei hij tegen zijn vriendin: "Als je een hond zou tegenkomen, gooi dan deze zakdoek naar zijn muil. Op die manier zal het beest je geen kwaad doen." 

Omdat een weerwolf geen kruis kan oversteken, moet hij de draadjes van de zakdoek één voor één uitrafelen vooraleer hij verder kan. 

Het meisje antwoordde: "Neen, blijf maar bij mij!", waarop haar vriend: "Neen, ik moet dringend even een boodschap doen." 

Toen X weg was, kwam er een lelijke zwarte hond naar het meisje toe. Ze deed onmiddellijk wat haar vriend had gezegd, waarop de hond de zakdoek in stukken scheurde. Een kwartier later kwam X terug. Zijn vriendin vertelde hem dat ze doodsangsten had uitgestaan terwijl hij weg was. Wat verderop ging het tweetal iets drinken in een café. Het meisje bekeek haar vriend eens goed, en riep geschokt: "Jij smeerlap, je bent het zelf geweest, want de vezels van de zakdoek hangen nog tussen je tanden!" 

X zei dat ze het zich maar inbeeldde, maar het meisje wilde hem toch nooit meer zien.


Opgetekend door F. Beckers in 1947.
Bron: volksverhalenbank.be